Begraafplaats Rustoord:

Niet alleen parken, maar ook begraafplaatsen zijn vaak een oase van rust. Een van de mooiste en meest groene begraafplaatsen in Nijmegen is Rustoord, aan de Postweg 60.

Tot in het begin van de 19de eeuw was het gewoonte om de doden binnen de stadsmuren - vaak in en rond de kerken - te begraven. De protestanten in Nijmegen werden onder andere in de Sint-Stevenskerk en op het omliggende kerkhof begraven.
In 1804, toen Nederland tot het Franse keizerrijk behoorde, werden begravingen binnen de stadsmuren verboden. Daarop besloot het Nijmeegse stadsbestuur in 1810 om even buiten de stad, ter plaatse van het huidige Julianapark, een grote algemene begraafplaats aan te leggen. Nadat het verbod op begravingen binnen de stadsmuren na de aftocht van de Fransen in december 1813 weer deels was opgeheven, hervatten de protestanten hun begravingen in de Sint-Stevenskerk.
Om hygiënische redenen werden begravingen binnen de vestingwerken 15 jaar dan toch definitief verboden. Vanaf 1829 werden de protestanten dus weer op de algemene begraafplaats begraven. Deze begraafplaats aan de Stenenkruisstraat raakte in de loop der jaren steeds voller en werd langzaam maar zeker ingesloten door bebouwing. Nadat de katholieken in 1885 aan de Daalseweg een eigen begraafplaats hadden gekregen en de joden in 1890 volgden met een begraafplaats aan de Kwakkenbergweg, ging ook de Hervormde gemeente op zoek naar een nieuwe plek. Met succes, want op 8 november 1895 kreeg zij door de gemeente Groesbeek een stuk grond aan de Postweg toegewezen. Nabij de hoek met de Kwakkenbergweg, verrees in 1897 een groot poortgebouw in neoclassicistische stijl, ontworpen door W.J. Maurits en A Wijers.
Begraafplaats Rustoord werd op 26 juli 1897 geopend. Een dag later werd Constant Adriaan Steur hier als eerste begraven. Het betrof eigenlijk een herbegrafenis, want de man had al ruim een jaar op de algemene begraafplaats gelegen. De eerste rechtstreekse begrafenis op Rustoord vond plaats op 5 augustus 1897. Op 1 januari 1915 kwam Rustoord op Nijmeegs grondgebied te liggen.
In de loop der geschiedenis zijn er verschillende prominente Nijmegenaren op Rustoord begraven. Een kort overzicht: 

· Johannes Hendrikus Graadt van Roggen (1831-1902), lid van de commissie voor de uitleg van de stad Nijmegen.
· Cornelis Rudolphus Theodorus baron Krayenhoff (1758-1840, werd hier in 1914 herbegraven), vestingbouwkundige en Minister van Oorlog van 1809 tot 1813.
· Johannes van 't Lindenhout (1836-1918), oprichter van de Weesinrichting Neerbosch.
· Wilhelmus Johannes Maurits (1856-1913), architect. Ontwierp verschillende woonhuizen in Nijmegen.
· Dr. Claes Noorduijn (1823-1916), mede-oprichter en directeur van het Wilhelminaziekenhuis.
· Herman Diederik Joan van Schevichaven (1827-1918), schrijver van boeken over Nijmeegse historie, stadsarchivaris vanaf 1897.
· Arnoldus Burchard Adolphus Quack (1842-1920), wethouder van 1902 tot 1919.

English text

P0004311.jpg P0004312.JPG P0004313.jpg P0004314.jpg
P0004315.JPG P0004316.JPG P0004317.JPG P0004318.JPG
P0004319.jpg P0004320.JPG P0004321.jpg P0004322.jpg
P0004325.jpg P0004326.JPG P0004327.jpg P0004328.jpg
P0004329.jpg P0004330.jpg P0004331.JPG P0004332.JPG
P0004333.JPG P0004334.JPG P0004335.jpg P0004336.jpg
P0004337.jpg P0004338.JPG P0004339.JPG P0004340.JPG
P0004341.JPG P0004342.jpg P0004344.jpg P0004345.jpg
P0004346.jpg P0004347.jpg
Cemetery Rustoord:

Just like parks, cemeteries can often be a haven of peace. One of the most beautiful and most green cemeteries in Nijmegen is Rustoord, located on Postweg 60.

Until the beginning of the 19th century, the dead used to be buried inside the city walls; often in and around the churches. Protestants in Nijmegen were for example buried in St. Stevens Church and the surrounding graveyard.
In 1804, when The Netherlands was part of the French Empire, burials within the city walls were prohibited. The Nijmegen city council then decided in 1810 to construct a large general cemetery just outside the city, at the site of the present day Julianapark. After the ban on burials within the city walls was partly raised when the French had withdrawn in December 1813, the Protestants resumed their burials in St. Stevens Church.
Fifteen years later, burials within the fortifications were at last definitely forbidden for hygienic reasons. From 1829, the Protestants were therefore buried at the general cemetery again. This cemetery on the Stenenkruisstraat got more and more crowded in the following years, and was slowly but surely enclosed by buildings. After the Catholics had received the right to their own cemetery on the Daalseweg in 1885, and the Jews followed in 1890 with a cemetery on the Kwakkenbergweg, the Protestant community also set out to find a new spot. Successfully, because on November 8, 1895, it was granted a piece of land on the Postweg by the town of Groesbeek. A large gatehouse in Neo-classicistic style, designed by W.J. Maurits, was erected in 1897 near the corner of Kwakkenbergweg.
Cemetery Rustoord was opened on July 26, 1897. One day later, Constant Adriaan Steur was the first to be buried here. It was actually a re-burial, because the man had been buried in the general cemetery for more than a year already. The first direct burial on Rustoord took place on August 5, 1897. On January 1, 1915, Rustoord became part of the city of Nijmegen.
Several prominent Nijmegen citizens were buried at Rustoord in the course of the years. A brief overview:
· Johannes Hendrikus Graadt van Roggen (1831-1902), member of the committee for the expansion of the city of Nijmegen.
· Cornelis Rudolphus Theodorus baron Krayenhoff (1758-1840, was re-buried here in 1914), fortification engineer and Minister of War from 1809 till 1813.
· Johannes van 't Lindenhout (1836-1918), founder of Orphan Institute Neerbosch.
· Wilhelmus Johannes Maurits (1856-1913), architect. Designed several houses in Nijmegen.
· Dr. Claes Noorduijn (1823-1916), co-founder and director of the Wilhelmina Hospital. 
· Herman Diederik Joan van Schevichaven (1827-1918), writer of books on Nijmegen history, city archivist from 1897.
· Arnoldus Burchard Adolphus Quack (1842-1920), alderman from 1902 till 1919.

terug

Reactie 1:

Rob Essers, 26-10-10: Johannes (Jan) van 't Lindenhout (Herveld 4 september 1836 – Nijmegen 22 januari 1918), oprichter van de Weesinrichting Neerbosch is niet begraven op Rustoord, maar op de eigen begraafplaats van de weesinrichting.

In graf A-0201 op Rustoord ligt zijn kleinzoon, de dichter Johannes (Johan) van 't Lindenhout (Neerbosch 14 juni 1893 – Yerseke 12 juli 1916), die op 23-jarige leeftijd in een boerenschuur in Yerseke een kogel door zijn hart schoot; zie https://www.schrijversinfo.nl/lindenhouttvanjohan.html 

Bij de prominente Nijmegenaren die op Rustoord zijn begraven, ontbreekt Jean Louis Henrij Beijens ('s-Gravenhage 23 januari 1835 – Nijmegen 27 februari 1914), naar wie al in 1912 de Beijensstraat is vernoemd; zie http://www.gaypnt.demon.nl/straatnamen/B.html#Beijensstraat 

In hetzelfde graf A-0015 was zes jaar eerder zijn moeder, de douarière L.M. Rees van Tets (Douai 2 augustus 1812 – Nijmegen 7 maart 1908) begraven. Over haar meisjesnaam bestaat enige onduidelijkheid. Op de geboorteakte van haar buitenechtelijke zoon staat de naam Louisa Wilhelmina Beijens. In de marge van de akte uit 1835 is in 1863 vermeld dat Marie Louise Beijens, weduwe van Corneille Ocker Rees van Tets, rentenierster, wonende te Saint Josse ten Noode heeft "verklaard dit kind te erkennen voor haren natuurlijken zoon".

Op 4 oktober 1849 trouwde Marie Louise Beijens in 's-Gravenhage met jonkheer Cornelis Ocker Rees van Tets (Dordrecht 3 december 1786 – Brussel 28 december 1856), sinds 1833 weduwnaar van Henderica Françoise Gevaerts. Bij het aangaan van het huwelijk in 1849 werd Cornelie Marie Louise Beijens, geboren in 's-Gravenhage op 27 september 1838, als hun kind erkend. Jonkvrouwe Cornelie Marie Louise Rees van Tets stierf op 5 januari 1899 in Brussel.

Voor haar huwelijk had Marie Louise of Louise Marie Beijens kennelijk twee buitenechtelijke kinderen gebaard. De vader van Jean Louis Henrij Beijens is onbekend. De hoogbejaarde douarière Rees van Tets woonde de laatste jaren van haar leven in Nijmegen op het adres Groesbeekseweg 9. Haar zoon woonde twee huizen verder op nummer 13.
Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: