Waalkade

Een antieke (1887) houtgravure "Het Weeshuis te Neerbosch" (The Orphanage at Neerbosch), uitgegeven te Londen in 1887 door The Religious Tract Society. Afmeting ca. 10 x 14.5 cm.

De houtgravure

Toen in de zeventiende en achttiende eeuw de kopergravure en de mezzotint de technieken waren om tekeningen en schilderijen te reproduceren, raakte de "Houtsnede" (niet te verwarren met de houtgravure) langzamerhand in onbruik. De houtsnede kon, wat fijnheid betreft, men werkte met messen en beitels, niet meer concurreren met bovengenoemde twee diepdruk-technieken, maar de "Houtgravure" zou een totale ommekeer teweeg brengen.

In 1794 vond de Engelsman Thomas Bewick te New Castle de kunst uit om in hout te graveren om zo te kunnen concurreren met de kopergravure. Om de ragfijne lijntjes in hout te snijden, zoals graveurs dat in koper doen, moest hij de burijn gebruiken, echter met een burijn in langshout snijden gaat niet. De loop van de nerf in het langshout is er de oorzaak van dat met de burijn gestoken groeven rafelig worden. 

Een burijn is een stalen, op dwarsdoorsnede vierhoekig gevormde pen, waarvan het voorste deel schuin wordt afgeslepen, zodat een vlijmscherpe ruitvorm ontstaat. Om goede controle op het gehele graveer-proces te houden slijpen graveurs zelf hun burijnen in de vorm die ze wensen. Naast de burijn worden ook bijgeslepen draaibeiteltjes gebruikt.

Thomas Bewick kwam op het idee om kopshout te gebruiken. Het hout werd overdwars in planken gezaagd, op de manier waarop men worst snijdt. De zo ontstane ronde schijf werd daarna in rechthoekige stukjes gezaagd, die daarna weer in een andere vorm tot een blok werden gelijmd, dit om trekken te voorkomen.

Het bovenste plankje van het blok werd daarna tot op letterhoogte geschuurd en gepolijst. 

Perenhout is vanwege zijn fijne nerf een goede houtsoort om mee te werken, maar veel beter maar ook veel duurder, is het kopshout van sommige palmbomen. Bij het snijden van een houtgravure ligt het blok meestal op een met zand gevuld kussentje of een klein houten draaischijfje.

De grootste populariteit bereikte de houtgravure in de periode 1825 1880 toen hij veel werd toegepast als illustratie in boeken en in de steeds meer in de belangstelling komende tijdschriften, na ongeveer 1880 verdwijnt de houtgravure om plaats te maken voor de fotografische reproductie-methoden. 

Met dank aan Lex Landmeter

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: