Lentse Historische Kring

ga naar aflevering 1  2  3  4  5  6  7  8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  20  21  22  23

~ Lent lang vervlogen tijd ~

18. Het dienstencentrum in Veur Lent

Aan de Veerdam was na 1742 en na de Franse invasie de economische activiteit ineen geschrompeld tot een aantal horecabedrijven en stalhouderijen en wat ambachtelijke bedrijfjes die voor de lokale markt werkzaam waren. Bekend in Nijmegen was het oude herenlogement, later Wildenbeest, waar op zonnige zon- en feestdagen de kapel van de Nijmeegse schutterij en andere militaire orkesten concerten gaven voor de Nijmeegse bourgeoisie. In de agrarische sector ging het langzaam, heel langzaam. De heren in Den Haag  onder leiding van de koopman-koning Willem I hadden meer belangstelling voor de verdere industrialisatie en de verbetering van de infrastructuur dan voor de noden van de agrarische ondernemers. Het bleef ploeteren voor de Lentse pachters die relatief hoge pachtprijzen moesten ophoesten. Bij de aanleg van de hoge spoordijk en de spoorbrug tussen 1875 en 1879 kende de horeca een kleine opleving. Na de opening leden de vrachtrijders en stalhouderijen omzetverlies door de concurrentie met het spoor. De mensen in het dorp werden opgezadeld met stank- en geluidsoverlast. Voor de Lentse mensen betekende de halte Lent, later station Lent, op de verkeerde plaats buiten het dorp niet veel. Wanneer de gierpont door ijsgang niet kon varen dan werd de trein naar Nijmegen gebruikt. In Atlas Lent lang vervlogen tijd werd de bouw van de spoorbrug, wat voor die tijd een staaltje van ingenieurskunst was, in beeld gebracht. In die tijd werd Europa door de staalcrisis en de landbouwcrisis geteisterd. Voor de Lentse warmoezeniers had dat weinig gevolgen. Des te groter waren de gevolgen van de Delicrisis die langzaam maar zeker een einde maakte aan de tabaksplantencultuur. De fruitteelt bleef in Lent en in de Betuwe belangrijk. De kinderen van de Lentse pachters zagen weinig toekomst in het agrarisch bedrijf en in het laatste kwart van de 19e eeuw zien wij dan ook een trek naar de steden waardoor het aantal inwoners daalde en Lent in vergelijking met andere Betuwse dorpen steeds kleiner werd. Veertien dagen nadat de spoorlijn Nijmegen-Arnhem zonder feestelijk vertoon was geopend omdat de kroonprins in Parijs was overleden, vierde de katholieke gemeenschap in Lent feest toen de nieuwe neogotische kruiskerk werd geconsacreerd.

LL 1: De spoorbrug werd een monument van Nijmegen's herstel maar barricadeerde de harmonische expansie van Lent.

LL 1: Heerenlogement Wildenbeest.
LL 2: Bevolkingsgegevens van Lent in de achttiende eeuw.
LL 2: Voor Lent was de gierpont van 1657 tot 1936 van vitaal belang.

SL 19: Gegeseld Lent schrompelde tot een klein dorp ineen.

SL 20A: Hoe een groot dorp klein werd.

SL 24: De trein stopte in Lent.
AL 6: De gierpont tot de opheffing in 1936.

AL 6: Spoorweg concurrent voor bedrijven in Veur Lent.

Afb. 18a: Tussen april 1875 en juli 1876 werden vier bouwputten in de Waal geslagen voor de drie pijlers en het landhoofd van de spoorbrug in aanbouw. Tussen die pijlers verrezen in drie fases een woud van stalen steigers waarop de overspanningen ter plaatse werden geconstrueerd. Ir. Van den Bergh die ook de brug over het Hollands Diep bij Moerdijk had gebouwd leidde de werkzaamheden. Een staaltje van ingenieurskunst.

Afb. 18b: De eerste personentreinen tussen Nijmegen en Arnhem en na 1892 tussen Nijmegen, Elst en Geldermalsen kenden vele halteplaatsen. Op het traject Nijmegen Arnhem liefst 9 stopplaatsen en wel: Lent, gesloten 15 mei 1934, heropend na 15 mei 1940 tot het provisorische herstel van de opgeblazen spoorbrug en in 1945 tot het herstel in augustus van dat jaar. Ressen/Bemmel met een fraai stationnetje, gesloten 15 mei 1938, Reet, gesloten 9 juli 1919, Elst met later een groot rangeerterrein o.m. voor de kolentreinen uit Limburg, Arnhemschestraat, De Wetering en Laarstraat, alle drie gesloten op 9 juli 1919. Rijnbrug, gesloten op 22 mei 1932 en Oosterbeek laag gesloten op 15 mei 1938. Het trammetjes van de Betuwsche Stoomtram Maatschappij (sinds 1908) en na 1930 de gele bussen van de G.T.W. maakten de vele haltes van de trein overbodig.

Afb. 18c: In 1879 werd de spoorbrug zonder feestelijk vertoon in gebruik gesteld omdat de kroonprins in Parijs was overleden. Op de tekening het viaduct in Lent over de Arnhemsche Straatweg (De Griftdijk).

Afb. 18d: Nijmegen is uit zijn isolement verlost juichte de stad en maakte zich op voor een feestelijke opening van het traject naar Arnhem. Maar op 12 juni 1879 stonden de wieken van de Lentse molen in de rouwstand en hingen de vlaggen halfstok. Kroonprins Willen was 11 juni op 39-jarige leeftijd in Parijs overleden.

Afb. 18e: Voor Lentse passagiers was het stationnetje Lent de opstapplaats voor Arnhem en verder of voor een van de halteplaatsen voor Arnhem. De gierpont was een concurrent voor de spoorwegen. Wie naar Nijmegen ging nam de gierpont. Wanneer door de weersomstandigheden de gierpont uit de vaart werd genomen was het druk op het Lentse stationnetje.

Afb. 18f: Teleurstelling was er in Nijmegen over het uitblijven van de bouw van een representatief station. De stad moest tot 1892 op dat station wachten. Maar de nieuwe spoorbrug kreeg een imposant landhoofd aan de Nijmeegse kant. Met hoekige speelse torens en een gehelmde ridder.

Afb. 18g: Vanaf de Lentse oever zag men het fraaie lijnenspel van de lange oprit door de uiterwaarden van de spoorbrug met de drie fraai gebogen brugdelen op stevig verankerde pijlers in de lemen ondergrond van de Waal die alle watergeweld en ijsgeweld tot aan de bouw van de nieuwe brug hebben doorstaan.

Afb. 18h en 18i: De tekening links geeft een goede indruk van de barricaderende functie van de hoge spoordijk waar het dorp achter schuil ging. Gezien vanaf de Oosterhoutse Dijk/hoek Zaligestraat. De spoordijk boog vlak voor de bebouwing in Lent, waar nu ongeveer het stationnetje Lent ligt, af naar de spoorbrug waar hoog boven de Parallelweg ver buiten het dorp de halte Lent werd aangelegd. Het werd geen succes en twee jaar voor de ingebruikstelling van de Waalbrug werd het stationnetje voor reizigersvervoer gesloten. Rechts een ouder paartje aan de wandel op de Oosterhoutse Dijk op een rustige zondagmiddag.

Afb. 18j: De tekening geeft een beeld van de gierbrug in het laatste kwart van de 19e eeuw. Rechts op de tekening het herenlogement Wildenbeest en links het oude veenhuis. De gierbrug is voorzien van stevige leuningen en met een enkele lantaarn verlicht. Op een enkele tekening van voor de Franse invasie van 1795 zien wij de gierpont voor Lent met aan de Veerdam een kloek gebouw waarin toen al door de familie Crijnen uit Lent een herberg werd gerund. Volgens de aantekeningen van jhr. J.B.S. de Ranitz van Huize Doornik had de familie Crijnen die op het Nieuw Huis te Lent woonde ernstige schade ondervonden van eerst de bezetting door de troepen uit Hannover en daarna door de Fransen. Na de Franse invasie werd de schade hersteld en de familie Crijnen verhuurde het 'Heeren-Logement en Koffijhuis' en aanpalende bezittingen aan de Veerdam. In 1808 kocht de familie de totaal vervallen schans Knodsenburg waarvan tenslotte niet meer dan wat restanten van de buitenste gracht zijn overgebleven. De Veerdam was als strategisch knooppunt van wegen uit het noorden naar Nijmegen een vanzelfsprekende vestigingsplaats voor horecagelegenheden. Zo kennen wij herberg 'De Fortuyn' waar de grondbezitters uit Lent en Doornik te hoop liepen toen de plannen voor de doorsnijding van de Ooi in 1648 bekend waren geworden, herberg 'De Swaen' van Frerick Broesterhuijsen in 1672 en uit de tijd van het dijkleger herberg 'In den Hollandschen Tuyn.' In de tijd van de huurders van het herenlogement aan de Veerdam was dit koffiehuis een geliefd einddoel voor een kort uitstapje met de gierpont naar Lent om dan op het terras van dit koffiehuis op zonnige zon- en feestdagen bij een consumptie te genieten van het fraaie uitzicht op de lange Waalkade. De Nijmeegse archivaris van Schevichaven vertelt uit eigen ervaring hoe plezierig het toeven was in het koffiehuis aan de Veerdam, zeker toen daar ook concerten werden georganiseerd. De gezusters Crijnen die inmiddels op leeftijd waren gekomen wilden hun bezittingen in Lent verkopen en in 1869 waren er gegadigden die het herenlogement wilden kopen waaronder de bekende jonge Willem Jansen Gz. uit Lent. Hij greep er naast want de Nijmeegse horecaondernemer J. Wildenbeest die een tapperij aan de Waalkade exploiteerde bood hoger en kwam zo in het bezit van de te koop aangeboden percelen. Ondanks de vele georganiseerde feesten en concerten werd de exploitatie gaandeweg moeilijker. Zowel door de concurrentie met de horeca in de stad die ook van alles uit de kast haalde om publiek te trekken, als door de toenemende concurrentie van de Nijmeegse buitensocieteit 'De Vereeniging" en door nieuwe horecavestigingen in Beek en Berg en Dal. Toen in 1889 de Nijmeegse tram naar Beek reed was een uitstapje met de tram een geliefkoosde bezigheid voor de Nijmeegse upper ten. De twee zonen van Wildenbeest voelden weinig voor de voortzetting van het herenlogement en zij gaven de voorkeur aan een eigen bedrijf in de stad, resp. melkerij Lent met een melksalon en een boekhandel. In 1906 besloot de oude heer Wildenbeest zijn bezittingen te verkopen om zijn laatste jaren in de Waalstad te slijten. Zijn enige dochter Maria kocht alle bezittingen behalve de 'Sandersweide' om er een nieuw hotel te bouwen. Maarten Dongelmans vertelt in 'Nijmegen ToenTerTijd' tal van bijzonderheden over Wildenbeest en over de opvolger, het prestigieuze Hotel Lent.

Afb. 18k: De tekening geeft een goed beeld van Hotel-Café-Restaurant Wildenbeest met de fraaie theetuin en de waranda's. Wanneer de bezittingen in 1906 onder de hamer komen wordt de volgende omschrijving gegeven: 'Het vanouds bekende Hotel-Café-Restaurant met Theetuin, open en dichte Waranda's, Speelplaats, Stalling, Hooiberg en grooten Moestuin met vruchtboomen. Een aangrenzend Huis met Erf en Moestuin met vruchtboomen, Een Schuur waarin Stalhouderij wordt uitgeoefend, met ruime Veestallen en Erf, Een daaraan grenzend Huis en Erf, waarin 3 arbeiderswoningen en twee percelen weiland.' Behalve de twee percelen weiland, de z.g. Sandersweide, kocht de weduwe Maria, Johanna, Elisabeth Bianchi-Wildenbeest de bezittingen voor fl. 18.298,-.

Afb. 18l: Het personen- en goederenverkeer via De Griftdijk en de gierpont bracht omzet voor de Lentse horecabedrijven zoals De Swaen, De Zon, Waalzicht en De Leeuw. Het 'heerenlogement' aan de Veerdam, Wildenbeest, was in het midden van de 19e eeuw een trefpunt voor de Nijmeegse bourgeoisie die op zonnige zon- en feestdagen in de theetuin van Wildenbeest genoten van concerten van de Nijmeegse schutterij en militaire blaaskapellen. Een indruk van de drukte bij Wildenbeest.

Afb. 18m en 18n: De grote nieuwe R.K. kerk veranderde het dorpsbeeld van Lent. Rechts twee kerken aan de restanten van De Grift. Links de R.K. kerk gezien vanaf de Steltsestraat. Hierna gezicht op de kerken gezien vanaf De Griftdijk.

Afb. 18o: Lezend meisje aan het raam. Afb. 18p: Jonge vrouw aan het raam.

Afb. 18q: Priesterkoor van de R.K. kerk in Lent. De tekening laat vooral de harmonie in de schepping van architect te Riele zien. 

Afb. 18r: De R.K. kerk in de winter gezien door een bevroren raam.

Afb. 18s: Gezicht op de stad met de Waalkade bij avond in het midden van de 19e eeuw. Ontleend aan een schilderij van Pieter Marinus Post. De stad zit dan nog gevangen in zijn wallen en is nog lang geen stad van kerken en kloosters wat de stad op het einde van die eeuw de schimpnaam Monnikendam aan de Waal opleverde. Op de voorgrond de verlichte gierbrug met stevige leuningen en een goed houten wegdek. Daarnaast het drijvende zwembad afgemeerd aan de Lentse oever.

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
onthoud dit (1 uur)