Zuuk t mar uut - Wim Janssen

Uit het Nimweegs verleden 127

17-10-1984

U zult wel gedacht hebben: „Wat is er met Wim Janssen aan de hand, zou hij niet meer weten waar hij over moet schrijven? Want er heeft de laatste weken geen stukje meer in „De Brug" gestaan". Tenminste in soortelijke bewoordingen en vragen werd ik door verschillenden van u opgebeld. Nou, ik kan u geruststellen, ik heb nog genoeg onderwerpen om over te schrijven als ik zo in mijn gedachten naar de tijd van vroeger terug ga.

Dat u de laatste weken geen stukjes meer in „De Brug" zag staan heeft een heel andere oorzaak. Ik heb namelijk nogal eens last van mijn bronchiën. Daags voor mijn verjaardag voelde ik weer zo'n aanval aankomen, en ja hoor, op mijn verjaardag had ik danig met bronchitis te kampen waardoor ik veertien dagen mijn bed moest houden. Gelukkig ben ik nu weer wat opgeknapt en kan ik weer aan het schrijven gaan.

Nostalgie(?)

Of het met u net zo gaat als met mij weet ik niet, maar bij mijn zwerftochten - die ik regelmatig onderneem - door de herbouwde stad, ga ik onwillekeurig het nieuwe van nu vergelijken met het oude van toen. U zult dan wel denken dat het te maken heeft met nostalgie (het idealiserend terugverlangen naar het oude) maar het is bij mij nu eenmaal zo. Ik kan er ook niets aan doen. Niet dat ik terug verlang naar die armoede van vroeger en de slechte - of helemaal ontbrekende - sociale voorzieningen, maar er is zoveel herkenbaars verloren gegaan. Neem de ambachten en de beroepen maar eens die vaak op straat of voor een open raam of deur uitgeoefend werden. Waar zijn de kleine neringdoenden en de negotianten tegenwoordig? De negotianten (straathandelaren) gaven kleur en fleur aan het straatbeeld. Men hoort toch geen vis- of groentevrouwen meer roepen dat zij vandaag weer de fijnste verse waren hebben aan te bieden? En waar is de roep van de haringventers, de fruitverkopers en de bloemenmannen gebleven waarmee zij met luide stemmen hun koopwaar aanprezen? Hun roep, en die van de mosselman en de venter met witzand, is voorgoed verstomd...
De nering

Ook de nering (handel en zaken doen aan huis) is praktisch uit de volksbuurten verdwenen. Een hoefsmid die een paard van nieuwe hoefijzers voorziet ziet men zijn werk niet meer doen. Maar ja, hoe kan het ook anders, er zijn haast geen paarden meer. Daardoor is ook dit beroep gedoemd om uit te sterven. Waar ziet men nog een mandenmaker, de wagensmid, de klompenmaker of een schrijnwerker zijn werk uitoefenen? Net zo goed als de stoelenmatter, de koperslager en de zadelmaker behoren zij ook tot de verleden tijd. Precies zo gaat het met de kleine kruideniertjes en de zogenaamde „sigarettenboer", zij zijn op sterven na dood, om dat zo maar eens te schrijven. De kleine middenstander kan zijn hoofd alleen nog boven water houden door zich bij grote inkooporganisaties aan te sluiten. Door de opkomst van de grote supermarkten en de zelfbedieningswinkels is hun al het ware het brood uit de mond gestoten.

Zoals het vroeger was

Onder bovenstaande titel wil ik gaan schrijven over mensen en zaken uit vroeger tijd. Ook andere veranderingen komen natuurlijk aan bod, zoals het vervoer en het verkeer. Ook het adverteren en de politie- en andere berichten zal ik de revue laten passeren. Ook foto's zullen er niet aan ontbreken. 

Klik hier en reageer daarmee per email als u uw reactie hieronder wilt laten plaatsen

Bron (©) 1984 Wim Janssen - Nieuwsblad De Brug Nijmegen

terug

Reactiepagina
Reactie 1:

Hans, 25-10-2018: U heeft groot gelijk meneer Janssen.
Ik zelf ben een man van 52 jaar en ook ik mis de nostalgie van toen, en wel zo erg dat ik zelf ga beginnen met bloemenventen.

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: