Zuuk t mar uut - Wim Janssen

Uit het Nimweegs verleden 102

15-06-1983

De Nijmeegse politie (6)

Net zo min dat commissaris Veltman de kans krijgt om zijn schouders onder de wederopbouw van het politieapparaat te zetten, zo min krijgt waarnemende commissaris Oerlemans deze kans. Het Militair Gezag blijft maar met de hogere politie-ambtenaren heen en weer schuiven. Oerlemans wordt met zoveel werkzaamheden belast dat er voor zijn commissarisfunctie maar weinig tijd overblijft.

Naast alle andere werkzaamheden wordt hij ook nog als plaatsvervangend directeur van het directoraat-generaal van politie belast. Op 16 april wordt ook hij ontheven van zijn waarnemersfunctie en opgevolgd door L. A. Brouwers, inspecteur van politie, uit Breda. Ook Brouwers is in Nijmegen geen lang leven beschoren als commissaris van politie. Na één jaar hier dienst te hebben gedaan wordt hij weer weggehaald en ergens anders benoemd. De nieuwe commissaris is geen onbekende voor Nijmegen, het is namelijk de hr. Veltman die voorheen ook al als commissaris dienst gedaan heeft. Nu krijgt Veltman geruime tijd om zich voor het politiekorps in te zetten en zodoende orde op zaken te stellen. Hij begint vol energie aan de moeilijke taak om van het korps weer een goedwerkende eenheid te maken. De moeilijkheden liggen huizen hoog opgestapeld en kunnen niet onderschat worden. Hij heeft onder meer te maken met de door de oorlog veroorzaakte ontwrichting van het korps, het personeelstekort, de hoge mate van de criminaliteit, het huisvestingsprobleem van het korps en nog veel meer problemen. Om het korps weer enigszins op sterkte te brengen wordt er een beroep op buitenstaanders gedaan. Omdat er niet naar diploma's gevraagd wordt is de toeloop, door de werkloosheid, zeer groot. Nadat het hoofdbureau van politie in september 1944 door oorlogshandelingen al deerlijk gehavend was breekt er bij een bombardement door de Duitsers nog eens brand uit. Omdat er meerdere branden in de stad zijn uitgebroken kan de brandweer de brand niet volledig aanpakken waardoor het bureau op twee october totaal aan de vlammen ten prooi valt. Een voorlopige oplossing wordt gevonden door een deel van de dienst onder te brengen in de Nimco schoenfabriek aan de Daalseweg. Het andere gedeelte vindt onderdak in de chocoladefabriek van Van Dungen aan de Groenestraat. De verspreiding van de diensten is natuurlijk een grote belemmering voor het goed functioneren van het korps in zijn totaliteit. Daarom is de hele werkwijze er op gericht om alles weer onder één dak te krijgen en dan nog het liefst in het stadscentrum. Rond de jaarwisseling 1944-'45 wordt een overeenkomst bereikt met de regenten van het Oud-Burgeren Gasthuis om het voorste aan de Molenstraat als tijdelijk hoofdbureau van politie te bestemmen. Niemand vermoedt dat deze tijdelijkheid 23 jaar zal duren! 

Met een niet aflatende ijver probeert hij het vertrouwen van de burgerij terug te krijgen en het korps met dezelfde saamhorigheid te bezielen als uit de bezettingstijd. Ook weet hij zelfs het personeel te stimuleren om aan culturele ontwikkeling, ontspanning en studie te doen. Op 1 januari gaat commissaris Veltman met pensioen; de tijdelijke waarnemer wordt hoofdinspecteur Th. A. Migo.

Perrick

Op 12 april 1954 wordt bij koninklijk besluit mr. F. Perrick tot commissaris van politie benoemd. Perrick is in Nijmegen geen onbekende want hij heeft zijn opleiding hier genoten. Op de dag van zijn benoeming is hij van af 1947 hoofdinspecteur van politie in Heerlen. Perrick die vooral bekend staat om zijn publicaties en lezingen over de toekomst van de politie, krijgt hier de kans het een en ander in praktijk te brengen. Onder leiding van de commissaris worden de bestaande afdelingen op moderne leest geschoeid en streeft hij er ook naar meer specialistische kennis in zijn korps in te bouwen. Het verkeer vraagt en krijgt veel aandacht van de commissaris. Het is de tijd dat Nijmegen te maken krijgt met verkeers- en stoplichten, éénrichtingsverkeer en reconstructie van voor het verkeer aangepaste pleinen, straten en wegen. Het korps wordt geheel gemoderniseerd en gemotoriseerd terwijl de apparatuur het mogelijk maakt om vanuit het hoofdbureau alles te besturen en te regelen. In 1956 krijgt de taakopvatting van het korps een geweldige vlucht wat ook meer werkzaamheden met zich meebrengt. Perrick wordt benoemd tot hoofdcommissaris en mag zich nu bij laten staan door een commissaris. Het is de heer Gielen hoofdinspecteur van het politiekorps te Heerlen. Commissaris Gielen zal vanaf 1956 tot 1 oktober 1968 deze functie vervullen dan gaat hij weer terug naar Heerlen ook als commissaris. In 1955 doen ook de eerste vrouwelijke agenten hun intrede in het politiekorps. Zij ontlasten hun mannelijke collega's van een groot aantal taken, zoals het toezicht op bioscopen en dancings, de opleiding van verkeersbrigadiertjes, het geven van verkeerslessen op de scholen terwijl zij ook assisteren bij de normale surveillance. Onder hoofdcommissaris Perrick wordt ook het huisvestingsprobleem opgelost. In 1966 start de bouw van het nieuwe politiebureau op het Mariënburg, dat tegen het einde van 1968 feestelijk in gebruik genomen wordt.

Klik hier en reageer daarmee per email als u uw reactie hieronder wilt laten plaatsen

Bron (©) 1983 Wim Janssen - Nieuwsblad De Brug Nijmegen

terug

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: