Zuuk t mar uut - Wim Janssen

Uit het Nimweegs verleden 17

1979

Niet alle straatartiesten waren succesvol bij hun optreden. Dat kwam dan om dat zij dan niet over een goed programma, 'n goede stem of over een goed instrument beschikten om indruk op de wijkbewoners te maken. Deze mensen hadden het dan ook het moeilijkst om in hun onderhoud te voorzien.

Zo herinner ik mij nog een echtpaar dat noch over goede stemmen noch over een programma van aanspreekbare liedjes beschikte. Ik zie ze nog staan zingen op de stoeprand bij ons in de buurt. Hij was gekleed in een armzalige broek en een kleurloos jasje met daarbij een overhemd zonder boord en om zijn hals een dun sjaaltje om zijn keel een beetje tegen de herfstkou te beschermen. De klep van zijn pet had hij ver over zijn voorhoofd getrokken, zodat men zijn ogen haast niet kon zien wat de indruk gaf alsof hij zich schaamde dat hij op deze wijze zijn brood moest verdienen. Zijn vrouw droeg een dun sleets manteltje dat niets van de te magere gestalte kon verbloemen. Haar triest ingevallen gezicht, met kleurloze lippen, werd omlijst door sluike nogal verwaarloosde, haren. De stem van de man kwam amper boven het normale straatrumoer uit, terwijl zijn vrouw op bedeesde wijze, en met neergeslagen ogen, de tweede stem trachtte te zingen. Het was een zeer armoedig stelletje, waarbij men de honger van de gezichten af kon lezen. In 'n gure novembermaand stonden zij liedjes te zingen over bloemen die zo mooi van kleur en heerlijk van geur waren en over vogeltjes die hun prachtig gezang in struiken en bomen lieten horen. Omdat het geen liedjes en stemmen waren die de wijkbewoners aanspraken en de verlegen manier van geld ophalen, bracht hun optreden weinig duiten op.
Uit wat ik hier boven beschreven heb kunt u wel uit op maken dat dit echtpaar in het geheel niet geschikt was om als "straatartiesten" op te treden,' maar ja zij werden door de omstandigheden van die tijd er toe gedwongen. Andere artiesten hadden meer succes, zeer zeker de muzikanten onder hen. Een van de bekendste was een accordeonist die met zijn wagen op het voormalig woonwagenkamp stond, dat gelegen was tussen Weurtseweg en het slachthuis. Het was een grote forse man die zijn accordeon, van zo'n 15 kg., moeiteloos door de straten en wijken meedroeg. Hij had altijd en overal succes met zijn optreden, vooral in de winkelstraten was hij een graag geziene en beluisterde artiest. 

Net als zo velen anderen artiesten was hij een natuurtalent op zijn gebied. Een muziekopleiding had hij nooit gehad en kon ook geen muzieknoten lezen, al de melodieën speelde hij op zijn geweldig muzikaal gehoor. Naast het oorstrelend geluid dat hij uit zijn instrument wist te toveren was het ook een genot voor het oog om te zien hoe hij, met zijn lange stevige vingers, de ruim 90 melodieën - de 120 basknoppen wist te bespelen. Wanneer hij in de Hezelstraat in een winkel stond te spelen (natuurlijk met geopende winkeldeur) dan dartelden de muziekklanken via het plafond en de muren naar buiten, tussen de samengestroomde toeschouwende luisteraars door, om zich in de ruimte op te lossen. De artiest stond met een glimlach om zijn mond en met pretlichtjes in zijn ogen in de rondte te kijken zonder dat hij maar één keer naar zijn vingers keek. Met zijn optreden scharrelde hij voor hem en zijn gezin een goed belegde boterham op. Of hij voor zijn optreden vergunning had of dat het op deze manier geoorloofd was, weet ik niet, maar hij had nooit last van de politie. Heel anders was het gesteld met de artiesten die in de wijken optraden, dat moest namelijk stiekem gebeuren omdat zij er geen vergunning voor hadden. Het optreden van deze mensen werd dan ook door de politie scherp in de gaten gehouden. Om zo iemand voor aanhouding door de politie te behoeden was de jeugd (en natuurlijk ook de volwassen wijkbewoners) maar al te gaarne bereid om hand en spandiensten te verrichten, door op de hoeken van de straat uit te kijken of er geen onraad dreigde. Indien er een agent in aantocht was dan werd meteen het sein „koper in de buurt" (politie in aantocht) gegeven, waarop de artiest een of andere gang in dook om zich schuil te houden tot het gevaar geweken was. Wanneer het sein „alles is veilig" door gegeven werd, kwam de artiest weer te voorschijn om zijn optreden te vervolgen en de wijk verder af te werken.

Klik hier en reageer daarmee per email als u uw reactie hieronder wilt laten plaatsen

Bron (©) 1979 Wim Janssen - Nieuwsblad De Brug Nijmegen

terug

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: