TERUGBLIK OP NIJMEGEN

Paul van der Heijden

Tussen wal en schip
Het moeizame brugverleden van Nijmegen

Nijmegen maakt plannen voor een tweede stadsbrug. Hopelijk duurt het allemaal niet zolang als bij de eerste stadsbrug. Plannen daarvoor lagen er al in 1900. Maar gekibbel bij burgers, middenstanders en politici zorgde voor onnodige vertraging. Nijmegen kreeg zijn brug pas in 1936. 

De Waaloever is al eeuwenlang ideaal om te wonen. Het heeft wel een nadeel: als je de rivier over wilt, krijg je natte voeten. De Romeinen lossen dat op door een brug over de Waal te leggen, ongeveer ter hoogte van de huidige spoorbrug. Helaas gaat het bouwsel verloren in het troebele tijperk van de Middeleeuwen, en tegelijk ook de techniek van het bruggen bouwen. In de 17e eeuw gloort een lichtpuntje als de Nijmegenaar Hendrik Heuck de gierpont uitvindt. Het principe is geniaal van eenvoud: een pontje zit vast aan een ketting, die ketting zit verankerd in het midden van de rivier. De stroming trekt de ketting strak en het pontje giert van de ene oever naar de andere. Heuck wordt er wereldberoemd mee. Het Nijmeegse pontje krijgt een toepasselijke naam: Zeldenrust.

Plannen

Zo'n idyllisch veerpontje past goed in het rustige verkeer van de 19e eeuw. Slechts een handjevol reizigers en handelaars wil de rivier over. Zonder haast. Maar bij ijsgang op de Waal blijft het pontje aan de kant. De andere oever is dan langere tijd onbereikbaar. Bovendien staan de ontwikkelingen niet stil. Het treinverkeer groeit explosief. Nijmegen krijgt in 1879 aansluiting op het landelijke spoornet met een heuse spoorbrug. Ook het wegverkeer neemt toe. Enkele vooraanstaande Nijmegenaren presenteren in 1900 bij de minister het plan voor een vaste brug over de Waal. Het initiatief komt van de Nijmeegsche Effectenbank Martens en Co. Een van de pleitbezorgers is C.A.P. Ivens, vader van de beroemde filmmaker Joris. Zo'n Nijmeegse Waalbrug zou de eerste Nederlandse verkeersbrug worden over een van de grote rivieren. Voor de dichtstbijzijnde brug moet je omrijden naar Keulen!

Kift

Het plan valt goed bij de minister. Hij start een onderzoek naar de beste plek voor de brug. Eerst zou die pal naast de spoorbrug moeten komen, maar later blijkt de plek onderlangs de Belvedere meer voordelen te bieden. Vanwege de hogere ligging heb je daar geen dure oprit nodig. Na jarenlange planvorming stemt het kabinet in en zegt subsidie toe. In Nijmegen groeit echter het verzet tegen de brug. Winkeliers uit de Benedenstad pleiten voor een brug midden door de stad, met een oprit ter hoogte van de Ganzenheuvel. Ze zijn bang dat de Belvederebrug hun klanten weghaalt en krijgen steun van omwonenden van het Hunerpark, die zich bekommeren om het lot van het fraaie groen. De oprit van de brug zou het park vrijwel wegvagen. De Nijmeegse gemeenteraad tenslotte eist compensatie voor de opheffing van het pontje. Zeldenrust levert de gemeente elk jaar duizenden guldens aan inkomsten. Bovendien dwingt de aanleg van de Belvederebrug ook tot bestrating van de singels. Na veel gekift besluit de gemeenteraad in 1917 om niet mee te werken aan een Belvederebrug. Hoofdschuddend zet de minister de plannen in de koelkast. 

Wilhelmina

In de jaren twintig wordt de verkeerssituatie bij Nijmegen onhoudbaar. Rond 1900 zijn auto's nog een bezienswaardigheid. In 1912 zet het pontje 1000 automobielen over, in 1920 al 35.000. De minister ziet het belang in van een goede noord-zuid verbinding en lanceert in 1927 opnieuw het plan voor de Belvederebrug. Ondanks gesputter van de gemeente en de Nijmeegse middenstand kan in 1931 toch worden begonnen met de bouw van de brug. Vijf jaar later komt koningin Wilhelmina hoogstpersoonlijk naar Nijmegen om de brug feestelijk te openen. Op dat moment is het de grootste boogoverspanning van Europa. De markante, ijzeren boog meet ruim 244 meter en reikt 65 meter de lucht in. Maar in 1940 breekt de oorlog uit en blaast de Nederlandse genie de brug op. Tijdens de bezetting repareren de Duitsers het gevaarte weer. Bij de bevrijding in 1944, als de eerste geallieerde tanks over de brug rollen, blijft de brug gespaard van Duitse opblaasacties. Al snel verspreidt zich het verhaal dat verzetsman Jan van Hoof het Duitse dynamiet onklaar heeft gemaakt. Van Hoof kan het zelf niet navertellen, want hij sneuvelt een paar dagen later. Hij krijgt wel een monument, uiteraard op de brug.

Symbool

Inmiddels is de door de middenstanders verguisde brug uitgegroeid tot een geliefd Nijmeegs symbool. En heeft de hele regio veel welvaart gebracht. De tijden zijn veranderd, maar bruggen horen nu eenmaal bij het leven aan de rivier. Arnhem heeft er drie. En zelfs een stad als Venlo, die slechts de helft van het aantal inwoners van Nijmegen telt, heeft drie verkeersbruggen. Uit historisch oogpunt hebben wij daar ook recht op. Als we maar niet teveel kiften.

Eerder verschenen in magazine

terug

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: