TERUGBLIK OP NIJMEGEN

Paul van der Heijden

De heiligste Nijmegenaren

Nijmegen heeft een speciale band met Sint Nicolaas. Op het Valkhof is er zelfs een kapel naar hem vernoemd. Maar de goedheiligman is niet zo heilig meer. De paus heeft hem geschrapt van de officiŽle kerkelijke kalender. Gelukkig hebben we nog heiligen over.

Nijmegen heeft zijn voorspoed te danken aan heiligen. Al vroeg in de Middeleeuwen waakte de heilige Gertrudis over onze stad. Haar rol is later overgenomen door Stefanus, die zijn naam aan de Stevenskerk gaf. De burcht op het Valkhof genoot intussen de bescherming van Sint Nicolaas. De Byzantijnse prinses Theo-phano nam de verering van Nicolaas mee in haar culturele bagage, helemaal uit Constantinopel. Maar nu is de Sint een beetje door de mand gevallen. Paus Paulus VI oordeelde in 1970 dat zijn levensverhaal te veel verzinsels bevat. Hij schrapte de heilige uit de officiŽle kalender en sprak de wijze woorden: 'Hij mŠg vereerd worden, maar het hůeft niet meer.'

Soepeler

Heilig worden is tegenwoordig een stuk gemakkelijker dan vroeger. De huidige paus, Johannes Paulus II, heeft al meer mensen zalig en heilig verklaard dan elk van zijn voorgangers. Hoe word je dat eigenlijk, heilige? Als je heilige wilt worden, moet je voldoen aan een aantal criteria. Je moet een vroom leven leiden en een aantal wonderen verrichten. Bovenal moet je dood zijn. Vroeger was de marteldood verplicht, maar gelukkig zijn de normen nu wat soepeler. Bij goedkeuring krijg je eerst de status van zalige. Daarna moet je postuum nog een of twee wonderen verrichten om opgenomen te worden in het elitekorps van heiligen. 

Eigen kerk

De beroemdste Nijmeegse heilige is Peter Kanis, beter bekend als Petrus Canisius. Hij werd in 1521 geboren als zoon van burgemeester Jacob Kanis en Aegidia van Houweningen. Op veertienjarige leeftijd ging hij studeren in Keulen bij de JezuÔeten. Hij schreef een boek over Maria en werd beroemd om zijn liturgisch werk. Bij onze oosterburen staat Canisius bekend als de 'Tweede Apostel van Duitsland', na Bonifatius. In 1565 kwam Canisius eventjes terug naar Nijmegen om te preken in de Stevenskerk. De hele stad liep uit om deze beroemdheid te zien en te horen. Op 21 december 1597 stierf hij in Zwitserland. Weliswaar geen marteldood, maar zijn bijdrage aan het katholicisme was voor paus Pius XI groot genoeg om hem in 1925 heilig te verklaren. Nijmegen vierde dat uitbundig. De heilige kreeg een eigen kerk aan de Molenstraat, waar ook een paar van zijn botjes onderdak vonden.

Hamer

Heel anders verging het de Nijmegenaar Ferdinand Hamer. Hij werd geboren in 1840 in de Molenstraat op nummer 122 (zijn geboortehuis bestaat nog steeds). Als missiepater vertrok hij in 1865 naar China om ongelovigen te bekeren, een merkwaardige katholieke gewoonte in die tijd. Hamer was bijzonder hulpvaardig en zeer geliefd in zijn omgeving. Hij schopte het zelfs tot bisschop. In 1900 brak er een burgeroorlog uit, de Boxer-opstand. De rebellen moesten niets hebben van buitenlanders. Ze namen Hamer gevangen en martelden hem vier dagen lang. Uiteindelijk hingen ze hem ondersteboven en staken hem in brand. Zo'n marteldood is genoeg aanleiding voor een heiligverklaring, zou je zeggen. In 2000 verklaarde paus Johannes Paulus II in ťťn klap 33 Chinese missionarissen heilig, maar Hamer zat er niet bij. In zijn missie was hij kennelijk te veel afgeweken van de rechte leer. Hij blijft wel genomineerd. Nijmegen eert zijn bijna-heilige met een standbeeld en een straatnaam. Het naar hem vernoemde studiehuis aan de Verlengde Groenestraat heeft als aandenken aan zijn Oosterse avontuur een Chinese pagode op het dak.

Internet

Anno Sjoerd Brandsma werd in 1881 geboren in het Friese plaatsje Ugoklooster. Na zijn priesteropleiding trad hij toe tot de orde der Karmelieten en nam de naam 'Titus' aan. Hij promoveerde als filosoof in Rome. In 1923, bij de oprichting van de Katholieke Universiteit Nijmegen, werd Brandsma aangesteld als hoogleraar in de Wijsbegeerte en de Geschiedenis van de vroomheid. Daarnaast zwaaide hij nog een jaar de scepter over de universiteit als rector magnificus. Tijdens de Tweede Wereldoorlog stelde hij zich principieel op tegen de Duitse bezetting, waardoor hij automatisch een symbool van verzet werd. De Duitsers namen hem gevangen en voerden hem af naar het concentratiekamp Dachau. Brandsma stierf in 1942 door een dodelijke injectie. Een echte martelaar dus. Na zijn zaligverklaring in 1985 riep de paus hem in april 2001 uit tot tweede beschermheilige van internet, naast Isidorus van Sevilla. En dat terwijl Brandsma natuurlijk nooit een computer heeft gezien. 
In Nijmegen is de geest van Brandsma slecht vertegenwoordigd. Op de universiteit staat een klein beeldje en het Titus Brandsma-kapelletje aan de Doddendaal lijdt een bedreigd bestaan. 
De conclusie van dit alles luidt dat heiligen sterke gelijkenis vertonen met Griekse goden: je hoeft niet in ze te geloven, maar als cultuurhistorisch fenomeen zijn ze wel interessant. En enkele heiligen zijn onlosmakelijk verbonden met de Nijmeegse geschiedenis. Daar mogen we best trots op zijn.

Eerder verschenen in magazine

terug

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: