StAnna283Cat

Sint Annastraat 283:

Op 10 mei 1883 legde P.O. P.C. Zuijderhoudt de eerste steen voor deze statige villa. Het blokvormige pand heeft een neoclassicistische opzet met pilasters over de gehele hoogte van de gevel. Verder zijn er veel eclectische vormen te vinden, waaronder de geblokte hoekkettingen en de versierde lijsten rond de vensters - beide in stuc.
Waarschijnlijk was P.O. P.C. Zuijderhoudt de eerste bewoner van Sint Annastraat 283. Later werd de villa betrokken door dr. J. Enneking, directeur van het in 1926 geopende Canisiusziekenhuis op nummer 289.

 

01-DSC02888.jpg 02-DSC02896.jpg 03-DSC02889.jpg 04-DSC02892.jpg 05-DSC02891.jpg
06-DSC02898.jpg 07-DSC02890.jpg

terug naar Rijksmonumenten terug naar Noviomagus.nl

Reactie 1:

Rob Essers, 07-06-2009: Een P.O. Zuijderhoudt heb ik nergens aangetroffen, wel twee maal een P.C. Zuijderhoudt.

De eerste is Pieter Carel Zuijderhoudt (1801-1874), (meester)zeilmaker op Terschelling, die op 8 september 1836 trouwde met Marretje (Maria) Gerrits Rotgans (1815-1876). Zij kregen ten minste negen kinderen. Het derde kind was Teunis Christiaan Zuijderhoudt (Harlingen, 18 oktober 1839 - Nijmegen, 10 februari 1915).

Teunis Christiaan Zuijderhoudt, gezagvoerder KNISM, trouwde op 10 mei 1877 op Terschelling met Trijntje Swart (Terschelling, 7 oktober 1859 - Bennekom, 24 Jul 1925). Zij kregen zeven kinderen van wie er in de periode 1880-1894 vijf in Nijmegen werden geboren.

In 1889 verzocht hij om concessie voor de aanleg van een stoomtramweg (zie bijlage). T.C. Zuijderhoudt volgde J.W. Kayser na zijn dood in 1896 op als directeur van het Nijmeegsch Telephoonnet.

Ik ga ervan uit dat Teunis Christiaan Zuijderhoudt het huis op St. Anna liet bouwen en dat de eerste steen gelegd is door zijn tweede zoon Pieter Carel Zuijderhoudt (Batavia, 25 februari 1878 - Ukkel, 23 januari 1925), die naar zijn overleden grootvader was genoemd. Dat zou de reden kunnen zijn dat zijn tweede zoon die op 10 mei 1883 pas vijf jaar oud was, de eerste steen mocht leggen. (zie foto 5)

Reactie 2:

Rob Essers, 01-07-2009: De jongste zus van Teunis Christiaan Zuijderhoudt (1839-1915) was Pietje Zuijderhoudt. Zij werd op 7 februari 1855 in Amsterdam geboren en overleed op 9 maart 1936 in Enschede. Toevallig stuitte ik onlangs op de Begraafplaats Rustoord op haar graf. Zijn was de tweede echtgenote van Jan Willem Kaijser.

Jan Willem Kaijser (Enschede 14 augustus 1835 - Nijmegen 2 januari 1896) kende ik tot nu toe alleen als de eerste directeur van het Telephoonnet Nijmegen. Blijkbaar was hij - evenals zijn zwager Teunis Christiaan Zuijderhoudt - kapitein der koopvaardij. Zij hebben allebei in Batavia gewoond voordat zij zich kort na elkaar in Nijmegen vestigden.

Op 4 maart 1870 trouwde de 34-jarige Jan Willem Kaijser met de 18-jarige Alida Louisa Fischer uit Amsterdam. Het betreft hier een "huwelijk met de handschoen". De huwelijksakte is opgemaakt in Enschede, terwijl de bruidegom in Batavia woonde. Daar werd in 1873 ook hun enige (?) zoon George Conrad Kaijser geboren.

Na de dood van zijn echtgenote trouwde Jan Willem Kaijser op 26 juli 1875 in Weltevreden (een door Europeanen bewoonde voorstad van Batavia) met Pietje Zuijderhoudt met wie hij vijf dochters kreeg. De oudste dochter werd geboren in Delden-Stad. De overige vier werden tussen 1877 en 1887 in Nijmegen of Hatert geboren.

Bij het overlijden van Jan Willem Kaijser studeerde zijn zoon George Conrad waarschijnlijk nog rechten. Bij zijn huwelijk in Nijmegen in 1904 met Maria Cornelia de Haas, de dochter van een steenfabrikant uit Gorinchem, was hij advocaat. Dat Teunis Christiaan Zuijderhoudt, de broer van zijn stiefmoeder, in 1896 directeur van het Nijmeegsch Telephoonnet werd, is niet zo verwonderlijk. Het pand St. Annastraat 283 uit 1883 laat zien dat hij niet onbemiddeld was.

Reactie 3:

Rob Essers, 25-12-2010: Villa Helena

Bij het rijksmonument St. Annastraat 283 ontbreekt de naam van de villa; zie
http://www.kich.nl/kich2010/rapport.jsp?id_qualifier=ODB:Rijksmonumentnr&id=523019
Op verschillende plaatsen ben ik de naam Villa Helena tegengekomen.
Hieronder heb ik een paar feiten op een rijtje gezet:

- In 1883 wordt aan F.O. [lees: T.C.] Zuyderhoudt vergunning verleend tot het bouwen van 1 villa aan de St. Annalaan (bron: Hans Giesbertz).
- In 1898 wordt aan G.W.H. Suermondt vergunning verleend tot het bouwen van 1 koetshuis met stal te St. Anna (bron: Hans Giesbertz).
- In De Gelderlander van 11 maart 1900 (p. 2) staat de telefoonaansluiting "699. G.W.H. Suermondt, Villa 'Helena' St. Anna 210" vermeld.
- In de telefoongids van 1915 staat "1031 Suermondt, G.W.H., villa Helena, St. Annastr. 253".
- De Regenten van de Stichting R.K. Canisius-Ziekenhuis, St. Annastraat No.253, wordt op 1 oktober 1926 vergunning verleend voor het AANLEGGEN HUISRIOLERING (waarbij de naam van de villa niet wordt vermeld).
- Huisnummer wordt in of omstreeks 1932 gewijzigd in nummer 283.
- Op 5 juli 1977 wordt het St. Canisiusziekenhuis, St. Annastraat 283, Nijmegen vergunning verleend voor het VERANDEREN RUIMTE T.B.V. BEDRIJFSGENEESKUNDE (VILLA HELENA).

Ondanks de verschillende nummers gaat het in alle gevallen om dezelfde villa die in ieder geval in de periode 1900-1977 een naam had. Of deze ook aan de buitenkant zichtbaar was aangebacht, weet ik niet.

In 1896 kon men in krantenadvertenties nog worden volstaan met de mededeling dat men zich kon melden "bij den Heer ZUIJDERHOUDT te St. Anna". Ook nadat dr. J. Enneking, de geneesheer-directeur van het R.K. Cansius-Ziekenhuis, er in 1926 komt wonen, raakt de naam vooralsnog niet in vergetelheid. Het is de vraag of de naam van de villa van T.C. Zuijderhoudt of G.W.H. Suermondt afkomstig is.

Gerard Wilhelm Henri Suermondt (Rotterdam 4 oktober 1854 - Nijmegen 4 maart 1925), zoon van Evert Suermondt en Anna Jacoba Cazius, trouwde op 12 mei 1881 in Koudekerk aan den Rijn met Maria Henderika Zirkzee (Beemster 27 april 1860 - Utrecht 12 juli 1910), dochter van Everard Zirkzee en Antje van Langeveld. Volgens de huwelijksakte was hij landbouwer en woonde hij op dat moment in Bleiswijk. Waarom hij zich in of omstreeks 1898 in de buurtschap St. Anna in de gemeente Nijmegen vestigt, heb ik niet kunnen achterhalen. De naam Helena ben ik in zijn familie nergens tegengekomen.

De overgrootmoeder van Teunis Christiaan Zuijderhoudt (Harlingen, 18 oktober 1839 - Nijmegen, 10 februari 1915) heette Helena Jonas (1724-1789). Zij trouwde op 11 april 1745 in Amsterdam met Carolus Leonardus Zuijderhoudt (1720-1789). Tante Helena Maria Zuijderhoudt (1795-1876) was een zuster van vader Pieter Carel Zuijderhoudt (1801-1874). Zijn halfzusje Margaretha Helena Zuijderhoudt (1831) is maar negen maanden oud geworden. Het is niet onwaarschijnlijk dat de villa al vanaf 1883 Villa Helena werd genoemd.

Reactie 4:

Cees de Vos, 09-01-2011: 'Villa Helena' en haar zegeningen 

Kijkend naar de statige Villa Helena uit 1883 aan de St. Annastraat nr. 283 komen wederom herinneringen bij mij boven die ik met permissie graag wil vast leggen. In mijn relaas over het Staatsbedrijf der Posterijen verhaalde ik dat mijn eerbiedwaardige vader zaliger C.N. de Vos sr. tijdens zijn werkzaamheden als postbesteller aan zijn amicale wijze van mensen benaderen menige relatie overhield. Zo ontstond er tijdens de postbezorging ook een band tussen de deftige bewoners van ' Villa Helena' en mijn vader.

Er bestaan volgens de heer Rob Essers nog twijfels over de naam 'Villa Helena' ?
Wie meer weet mag het zeggen....!

In de laatste twee oorlogsjaren was er een tekort aan levensbehoefte en kleding en als het al voorradig was konden veel mensen het niet kopen wegens geldgebrek of men had een tekort aan zogenaamde distributiebonnen. De lonen voor arbeiders waren karig. Het weekloon van een fabrieksarbeider bedroeg ± F32.- voor een gezin met twee kinderen en als werkloze moest je 'rond komen' met de helft. Voor menig arbeidersgezin was het sabbelen en tobben geblazen. 

Ons gezin telde in 1944 negen kinderen. Aan distributiebonnen hadden wij geen gebrek, wel aan het benodigde geld om de bonnen te verzilveren. Het voedsel ging voor alles, zonder eten werd je ziek of nog erger...! De kleren werden door mama versteld op haar Singer trapnaaimachine en de sokken gestopt. Ook droeg je de kleren van je grotere broer/zus af. 
Het laatste komt vandaag de dag ook nog wel voor. Niks verkeerds aan...!

Mijn vader was vanaf 1943 gezegend met een vaste baan bij de PTT. Wat zijn weekloon in die tijd was weet ik niet, gezien zijn grote kinderschare moet dat in elk geval meer dan de F32.- per week zijn geweest. Daaroverheen kwam de kinderbijslag. Nochtans was het geen vetpot voor het ruime vossennest aan de Hatertscheveldweg 504.

Om toch aan redelijke kledij te komen werden arbeidersgezinnen enigszins gedwongen zich te wenden tot de Kerk of tot mensen die wel het geld maar niet voldoende distributiebonnen hadden om nieuwe kleren en schoeisel te kopen. De familie J. Enneking wonend aan de St. Annastraat 283 was een gezin met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid goed inkomen. Voor zover bekend bestond de familie van geneesheer-directeur Dr. J. Enneking van het in 1926 geopende R.K. Canisius Ziekenhuis uit vader/moeder en vier kinderen: twee meisjes en twee jongens. 

Tijdens het overdragen van pakketpost/brieven/telegrammen van mijn vader aan Villa Helena volgde zo nu en dan korte gesprekjes over en weer aan de voordeur. Vader klaagde niet, maar kon soms moeilijk verbergen dat het hem zwaar viel hoe zijn vele kinderen te voeden en te kleden. Tijdens zo'n praatje aan de voordeur kwam het tot een deal tussen Mevrouw Enneking en mijn vader; vader zou mevrouw ongebruikte distributiebonnen leveren tegen gebruikte kleding van haar kinderen. Dat het degelijke en mooie kleding was laat zich raden, kledij die wij ons zeker in die tijd niet konden veroorloven. Het was voor ons kinderen altijd weer spannend wat papa aan jurken, broeken, truien, hemden en schoenen in zijn PTT-fietstas bij thuiskomst voor ons in petto had. Het werd door de vossenkinderen altijd in dank aanvaard.

Persoonlijk ben ik ook eens alleraardigst bediend door de familie Enneking. Na mijn zeven klassen Lageronderwijs op de St. Jansschool en Meester Van Steen aan de Groenestraat 227 startte ik in september 1948 op mijn dertiende jaar de opleiding Machinebankwerken op de Ambachtsschool aan de Nieuwe Marktstraat. "Dat zou een heel eindje tippelen worden voor Ceesje vanaf de Hatertscheveldweg...!" Gelukkig kwam dáár na goed beraad een oplossing voor. 

Mogelijk heeft mijn vader bij mevrouw Enneking een visje uitgegooid: of er misschien een oude niet meer gebruikte fiets in de aanbieding was voor in dit geval leergierige Cees. 
Vader had beet; Ceesjr werd verzocht de volgende dag maar eens op bezoek te komen.

Op de afgesproken tijd betrad ik de volgende dag via de poort de korte oprijlaan naar de voordeur van de villa. Na aangebeld te hebben, wat een klingelend geluid gaf, werd er opengedaan door de dienstbode. Voor het eerst van mijn leven mocht ik een blik werpen in de ruime hal van de villa, in de jaren ervoor - bij het helpen van vaders bijbaantje bij de Gelderlander, couranten in de brievenbussen deponeren - kwam ik niet verder dan de aanblik van de voordeur. Op de vraag van de dienstbode wat ik wenste gaf ik als antwoord; dat ik voor de oude fiets kwam, mevrouw Enneking was hiervan op de hoogte? De dienstbode antwoordde: "O ja.., dat is mij bekend, loop maar rechts om het huis heen richting de achtertuin, daar word je opgevangen door de zoon van mevrouw, hij is thuis, ik zal hem waarschuwen!" In de achtertuin werd ik opgewacht door een jonge man. Hij stelde zich voor als de zoon van de familie Enneking. Hij leidde mij naar een ruimte waar een aantal fietsen in het fietsenrek stonden. Ik had geen flauw idee welke fiets voor mij zou gaan worden, ze zagen er allemaal solide uit? De zoon pakte een fiets uit het rek en sprak: "Wat dacht je van dit exemplaar, de fiets is van mij geweest, het is nog best een goed karretje, zeker als je de tweewieler opknapt!" Ik was meteen enthousiast en dankte de zoon dat hij voor mij afstand deed van zijn fiets. Bij het afscheid nemen wenste de zoon mij veel geluk en plezier met de fiets. Op de St. Annastraat stapte ik voor het eerst van mijn leven op 'mijn fiets' met terugtraprem, echte luchtbanden, fietsbel, verend leren zadel, voor/achterlamp met dynamo, fietsslot en een bagagedrager. "Wat een feestje, voor Ceesje..!"

Thuis gekomen werd ik enthousiast begroet door mijn familie, vooral mijn moeder was erg blij voor mij. Haar reactie: "Nou hoeft dat jong niet zo ver te lopen, hij kan nu fietsend naar de Ambachtsschool in de stad."

Tijdens de grote vakantie tot aan september is de fiets goed onder handen genomen. In ons knusse schuurke achter het huis heb ik de tweewieler in zijn geheel uit elkaar gehaald, tot aan de lagers van de trappers aan toe. Bij de fietsenmaker Poelen aan de Hatertscheveldweg mocht ik van mijn ouders de nodige onderdelen kopen die qua veiligheid aan vernieuwing toe waren, waaronder de banden. Ook kocht ik een busje zwarte fietslak met een kwastje. Na weken van poetsen, lakken, sleutelen en oliën oogde mijn fiets weer als nieuw, nou ja..., bijna als nieuw. Zo kon ik vol trots en elan in september 1948 mijn studie starten op de Ambachtschool aan de Nieuwe Marktstraat.

Los van dit verhaal; 
In de zomer van 1953 ben ik eens heel brutaal bij Villa Helena via het stalen hekwerk op het linker stenen muurtje van de tuinpoort geklommen en volgde vanuit de hoogte de voorbij trekkende vrolijk zingende Vierdaagse-lopers tijdens hun tocht over de "Via Gladiola".

Reactiepagina
Reactie 5:

Rob Essers, 31-05-2016: Villa Helena
Teunis Christiaan Zuijderhoudt heeft hooguit vijf jaar in de villa gewoond. In 1888 wordt aan T.J. [lees: T.C.] Zuijderhoudt vergunning verleend tot het bouwen van 3 huizen aan de St. Annalaan [huidige adressen: St. Annastraat 275 t/m 279]. Oud-scheepsgezagvoerder T.C. Zuijderhoudt en zijn gezin verhuizen naar het middelste pand (bouwjaar 1888), dat tot 1905 het adres St. Anna 208 heeft.

De nieuwe bewoners van de villa (bouwjaar 1883) zijn Willem Adriaan Piepers (Deventer 18 december 1826 – Zeist 19 mei 1914) en zijn echtgenote Helena Henrietta van Adrichem (Zierikzee 8 maart 1839 – Zeist 22 oktober 1909). Zij vestigen zich op 2 mei 1888 op het adres Wijk G 140, dat na de zevende tienjarige volkstelling op 31 december 1889 wordt gewijzigd in St. Anna 210.

De vermelding "Piepers W A z b St Anna 210" is in het adresboek van 1896 gewijzigd in "Piepers W A z b villa „Helena” St Anna 210". De villa is blijkbaar genoemd naar Helena Henrietta Piepers-van Adrichem. Het kinderloze echtpaar vertrekt op 4 november 1898 naar Montreux. H.H. Piepers-van Adrichem en W.A. Piepers liggen begraven op de Oude Begraafplaats in Zeist (zie grafsteen).

Op 10 november 1898 vestigt Gerard Wilhelm Henri Suermondt (Rotterdam 4 oktober 1854 - Nijmegen 4 maart 1925) zich met zijn echtgenote Maria Henderika Zirkzee (Beemster 27 april 1860 - Utrecht 12 juli 1910) in de villa. Vanaf 1905 heeft de villa het adres St. Annastraat 253 en sinds 1932: St. Annastraat 283. De naam Villa Helena staat nog vermeld in een bouwvergunning d.d. 7 juli 1977.

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: