|
Israëlitische begraafplaats, Postweg 62,
De joodse Nijmegenaren werden in de afgelopen eeuwen op verschillende plaatsen begraven. In 1683 werd achter het klooster Mariënburg - op de noordelijke hoek van de huidige Tweede Walstraat en het Mariënburg - een joodse
begraafplaats ingericht. Het werd in 1961 ontruimd, ondanks het feit dat het ruimen van een begraafplaats zeer tegen het joodse gebruik indruist. Hetzelfde gebeurde al rond 1927 met het Israëlitische gedeelte van de begraafplaats aan de Stenenkruisstraat, waar van 1811 tot 1814 ongeveer 50 joden waren begraven. Nu ligt op deze plaats een parkje.
In 1890 werd op de hoek van de Postweg en de Kwakkenbergweg een nieuwe joodse begraafplaats aangelegd, maar pas vanaf 1915 werden hier mensen begraven. Het duurde vervolgens nog tot 1921 dat de hier zichtbare gebouwtjes, ontworpen door Oscar Leeuw, werden gebouwd. De twee bakstenen gebouwtjes aan weerszijden van de ingang zijn de aula (links) en de dienstwoning. Het uitbouwtje voor de aula is de zogenaamde cohaniemruimte. In deze ruimte kunnen Aronieden, die niet nabij een lijk mogen komen en die geen begraafplaatsen mogen betreden, toch een uitvaart bijwonen.
Voor de gevelversieringen werd voornamelijk baksteen gebruikt. De Davidssterren op de hoeken zijn van natuursteen, evenals de Hebreeuwse tekst boven de ingang van de begraafplaats, die aangeeft dat men het 'Huis der levenden' betreedt.
De begraafplaats is geheel omsloten met een zware bakstenen muur in dezelfde stijl als de gebouwtjes.
|