Noviomagus.nl stadswandeling Nijmegen in het groen

Stadswandeling Nijmegen in 't groen.


Deze ongeveer 12 kilometer lange wandeling kent vele hoogteverschillen en is daarom geschikt voor de min of meer geoefende wandelaar en absoluut ongeschikt voor rolstoelers of ongetrainden. Flink doorlopend zeer geschikt als trainingsrondje van ongeveer 2 uur, wandelend en genietend van de mooie natuur en aanwezige rustpunten, prima geschikt voor een groen dagje Nijmegen. Met behulp van de plattegrond is de route natuurlijk altijd in te korten.

Het beginpunt van deze groene stadswandeling is de parkeergarage aan het Kelfkensbos te Nijmegen. 

Het Kelfkensbos: Eens stond op wat nu een bakstenen vlakte is een waar bos. Het werd vernoemd naar de eerste burger van de stad, Johan Kelffken, die het bos in het begin van de 17de eeuw liet planten. In 1831 verdween een deel van de bebossing voor de aanleg van opslagplaatsen voor artillerie en een barak voor soldaten. Het overige werd negen jaar later gerooid. Eind jaren '90 van de vorige eeuw werd het plein flink onder handen genomen. Er werd een ondergrondse parkeergarage aangelegd en tegen de vroegere stadsmuur aan verrees een nieuw museum, dat in 1999 werd geopend. Over het resultaat lopen de meningen uiteen. Op de punt van het plein is een kunstwerk van blauwe, stalen buizen te zien. Het is ontworpen door de Belgische kunstenaar Narcisse Tordoir.

Zodra u de garage uit bent en zich op het plein voor het museum bevindt, loopt u richting het lichtblauwe stalen kunstwerk. U gaat daar rechts omheen, steekt over naar het gevleugelde spoorwegmonument en gaat schuin rechts omhoog, richting het Valkhofpark. Vóór het park, direct bij de lantaarnpaal, gaat u links een zandpad op en na 100 meter neemt u het trappetje rechts in de muur richting kapel. 

Het Valkhof: Het Valkhof ligt aan de rand van een stuwwal, die ongeveer 200.000 jaar geleden ontstond. In de voorlaatste ijstijd werden grote hoeveelheden aarde en stenen door het oprukkende ijs in zuidelijke richting verschoven. Bij Nijmegen kwam het ijs door de stijgende temperaturen tot stilstand en smolt uiteindelijk. Tientallen meters hoge heuvels bleven uiteindelijk liggen. Het Valkhof, dat op ongeveer 35 meter boven NAP ligt, vormde oorspronkelijk één plateau met het nabijgelegen Kelfkensbos. Het Valkhof heeft een rijk verleden. Zo'n vijftien jaar voor het begin van onze jaartelling stichtten de Bataven hier een stad, Oppidum Batavorum. Deze werd in 69 na Christus, tijdens de Bataafse opstand, door de Romeinen in brand gestoken. Tweehonderd jaar later bouwden de Romeinen zelf een fort op het Valkhof, dat rond 400 werd verlaten. Omstreeks 770 liet Keizer Karel de Grote op deze plek een palts bouwen, van waaruit het noordelijk deel van het Frankische Rijk werd bestuurd. De palts werd in 881 door de Noormannen in brand gestoken, later herbouwd en in 1047 andermaal grotendeels door brand verwoest. De palts werd wederom herbouwd, maar een eeuw later grotendeels gesloopt. De Rooms-Duitse koning Frederik I, beter bekend als 'Barbarossa', liet er in de jaren 1152-1155 namelijk een grote burcht optrekken. De Valkhofburcht domineerde eeuwenlang het stadsbeeld, maar werd in 1796-1797 in opdracht van de provincie afgebroken. Alleen de Sint-Nicolaaskapel - waarschijnlijk gebouwd tussen 1030 en 1050 -, de ruïne van de Sint-Maartenskapel uit 1155 en een deel van de omwalling van de burcht bleven gespaard. Na de sloop werd op de Valkhofheuvel een park aangelegd - een van de eerste stadsparken in Nederland. Johan David Zocher senior ontwierp het in Engelse landschapsstijl. In de jaren '30 van de 19de eeuw werd 'het Hof' heringericht door Hendrik van Lunteren. In de Tweede Wereldoorlog werd een drietal bunkers tegen de Valkhofheuvel aangebouwd. Ondanks zijn strategische ligging doorstond het park met zijn waardevolle bouwwerken de oorlog zonder al te veel schade. Bij de laatste opknapbeurt van het Valkhofpark in 1980 werden twee van de drie bunkers afgebroken. Op de witte balustrades aan de noordzijde van het park zijn twee teksten geschilderd, die op deze historische plaats betrekking hebben. Op een balustrade nabij de Sint-Nicolaaskapel staat een Latijnse tekst, die oorspronkelijk van de hand komt van de 17de eeuwse dichter Constantijn Huygens. De tekst luidt:

HIC STETIT HIC FRENDENS AQUILAS HIC LUMINE TORVO
CLAUDIUS ULTRICES VIDIT ADESSE MANUS

Vrij vertaald betekent dit: 'Hier stond Claudius en zag hij knarsetandend met grimmige blik de adelaars en de wrekende troepen naderen.'  Op een andere balustrade is nog een Latijnse tekst afgebeeld, die de bezoeker met recht vraagt:

QUEM DABIS HAEC POSSIT QUI DARE CUNCTA LOCUM?

Ofwel, in een vroeg 19de-eeuwse vertaling: 'Weet ge mij een plaats te noemen, die op zoo veel schoons kan roemen?'


Boven aangekomen loopt u linksaf om de kapel heen, even genieten van het uitzicht natuurlijk, en houdt u het pad links aan, langs de heuvelrand. Na een volgend uitkijkpunt gaat u in een bocht links een trap af en het eerste paadje rechts. Na 50 meter bij de ruïne aan uw rechterhand gaat u schuin linksaf het bruggetje over. Weer op het Kelfkensbos gaat u direct linksaf en volgt de banken aan de linkerrand van het plein richting de waltoren, de Belvédère. U loopt het pad omhoog tot aan de voet van de toren, waar u wederom een fantastisch uitzicht heeft. Hierna gaat u 10 meter terug en daalt het trappetje rechtsaf naar beneden. Op het plateau gaat u links en aan het einde rechts de trap af, volgt het pad dat eindigt met een trappetje en gaat beneden rechtsaf het grindpad op. Na 25 meter weer rechts, het steile geasfalteerde pad blijven volgen en aan het einde, op een kruising bij de stenen brug, naar links. 

Het Hunnerpark: Het Hunnerpark (vroeger: Hunerpark) is aangelegd na de afbraak van de stadsmuren tussen 1876 en 1882. Oorspronkelijk was het plan om hier een villawijk te bouwen, maar om onduidelijke redenen is dit niet doorgegaan. In 1885 kreeg de Leuvense tuinarchitect Liévin Rosseels de opdracht om een plan te maken voor het aan te leggen park. Op enkele aanpassingen na werd zijn plan uitgevoerd. De stadsmuur aan de westzijde bleef in de plannen behouden. Een deel van de muur werd gesloopt en later weer opgebouwd, voorzien van allerlei versieringen in het metselwerk die vóór de ontmanteling van de vesting nooit hebben bestaan. In 1935-1936, bij de aanleg van de oprit van de Waalbrug, veranderde het park drastisch. Het werd in oppervlakte gehalveerd en de grote fontein die aanvankelijk aan het eind van de Sint-Canisiussingel stond, moest verdwijnen. Midden in het park werd het Keizer Lodewijkplein aangelegd: een verkeersplein vergelijkbaar met het Keizer Karelplein. Later werd het plein ingrijpend verbouwd en vernoemd naar de Romeinse keizer Traianus. In het park zijn een aantal bijzondere dingen te zien. Zo staat vlak tegen de stadsmuur de gietijzeren beeldengroep 'De Vier Jaargetijden'. De vier vrouwenbeelden, die Lente, Zomer, Herfst en Winter voorstellen, zijn in 1889 aan de stad geschonken door de Vereeniging tot Verfraaiing van Nijmegen en het Schependom. Oorspronkelijk stonden de beelden in een plantsoen aan de Nassausingel, maar in de jaren '60 van de 20ste eeuw moesten ze wijken voor parkeerplaatsen. Aan de Sint Jorisstraat staat een kiosk, die in 1911 door J.J. Weve is gebouwd als tramwachthuisje. Tot begin jaren '50 reed hier de tram naar Berg en Dal en Beek. Na het verdwijnen van de tram uit het straatbeeld werd het wachthuisje een kwartslag gedraaid, iets verder in het park gezet en omgebouwd tot kiosk. Vlak achter de kiosk staat een groot standbeeld van Petrus Canisius (1521-1597). Deze jezuïet werd in 1925 heilig verklaard en twee jaar later werd dit bronzen standbeeld van beeldhouwer Toon Dupuis onthuld. Achter in het park staat de C.A.P. Ivensbank, ontworpen door architect Charles Estourgie en gebouwd in 1936. De bank is genoemd naar C.A.P. Ivens, fotograaf en vader van de wereldberoemde cineast Joris Ivens. Ivens had op de hoek van de Lange Brouwerstraat en de Priemstraat een winkel in fotografieartikelen. Al vanaf 1906 ijverde hij voor de bouw van een verkeersbrug over de Waal. Op de bank staat dan ook: 'Hulde aan den onvermoeiden strijder voor de Waaloverbrugging'.

Dan het grindpad richting verkeersweg blijven volgen, u komt langs de zogenaamde Ivensbank, en gaat de eerste rechts, dan links en weer links om het standbeeld van Petrus Canisius heen. U loopt richting een kleine zuil, daar gaat u de trappen naar beneden en steekt enkele drukke verkeerswegen over. Eenmaal overgestoken kunt u even links omhoog naar een uitkijkpunt. Vanuit het uitkijkpunt terug en wederom enkele wegen oversteken en vóór de bebouwing van hotel Belvoir gaat u links een klein paadje omhoog en gelijk weer het eerste pad links. Na 100 meter bij enkele trappen gaat u rechtdoor het pad onder het kantoorgebouw van Haskoning, u blijft daarna dit pad volgen. Na het kantoorgebouw de klinkerstraat oversteken en een zandpaadje in, bij de straat eerst links en dan rechts de Museum Kamstraat inlopen. Dan de eerste links het Pater Rubbenspad in. Na 100 meter vervolgen op zandpad en bij de open plek schuin rechts het bospad in.

Het Patersbos: In 1910 is direct achter het Canisius College een paterstuin aangelegd volgens de Engelse landschapsstijl. Dit Patersbos maakte daar onderdeel van uit. De markante bomenrijen in de omgeving van paardekastanje, beuk en linde werden in 1922 aangeplant. In het bos treft u een Mariakapelletje aan, daterend uit 1948. Het bos is het woongebied van vele vogels zoals de bonte specht en Vlaamse gaai. Ook kleine zoogdieren vinden er hun plek, zoals egels, konijnen en eekhoorns, maar ook de steenmarter wordt er gesignaleerd. Meest voorkomende bomen zijn er de Noorse esdoorn en Amerikaans eik, terwijl de bodembedekking voornamelijk uit klimop bestaat, waartussen diverse bloemen en planten groeien, zoals voorjaarshelmbloem, bosanemoon en salomonszegel. Rondom de open plek bij de vijver zijn soorten te vinden die het best gedijen op een voedselrijke vochtige bodem zoals de kruipende boterbloem, pinksterbloem en robbertskruid, terwijl we aan de bosrand speenkruid, maartviooltje en kleefkruid kunnen vinden. Het bosje wordt door buurtbewoners onderhouden.

U houdt links aan, bij het Mariakapelletje rechtdoor, 10 meter voor het einde rechtsaf, einde weer rechtsaf en de rand van het bos blijven volgen. Na 100 meter schuin rechts en pad langs hek volgen. Bij een groot open grasveld links tot u tussen hekken het bosje kunt verlaten. U gaat schuin links rechtdoor, aan het eind van deze straat slaat u linksaf de Museum Kamstraat weer in. Aan het eind daarvan steekt u schuin links de Berg en Dalseweg over en loopt de Heijdenrijckstraat in. Juist voor het einde van deze straat gaat u rechts, de Hobbemastraat in.  Hier links blijven houden, tot aan de Daalseweg. Deze oversteken en rechtsaf vóór het hek van de begraafplaats Altrade langslopen. Het hek met bocht naar links blijven volgen, u komt bij de ingang van de begraafplaats, een rondwandeling zeker waard! 

Begraafplaats Altrade: In 1885 werd, nadat de gemeentelijke begraafplaats aan de Stenen Kruisstraat te klein werd, deze tweede begraafplaats aangelegd waarop enkele zeer belangrijke en bekende Nijmegenaren liggen begraven. We noemen fotograaf C.A.P. Ivens, beeldhouwers Oscar en Henri Leeuw en de families Vroom, Dreesmann, Dobbelmann, Jurgens en Terwindt. Enkele grafmonumenten staan op de rijksmonumentenlijst en vele slachtoffers van het vergissingsbombardement van 22 februari 1944 hebben hier hun laatste rustplaats gevonden. De begraafplaats is tevens een belangwekkend natuurmonument. Schitterende oude beuken, kastanjes, linden en wilgen vormen naast de vele kruidachtige planten, varens en mossen een waar paradijs voor vogels, insecten en kleine zoogdieren zoals de steenmarter.

Wanneer u de begraafplaats door dezelfde toegang weer verlaat gaat u om het speeltuintje heen linksaf. Bij de bocht naar rechts steekt u de Groesbeeksedwarsweg over en loopt rechtdoor de Fort Kijk in de Potstraat in. Aan het einde daarvan steekt u de weg over en gaat na het fietspad rechtsaf een asfaltpad op. 

Julianapark: Omdat vanaf 1810 ook voor Nijmegen het Franse voorschrift gold dat niet meer in kerken en binnen de stadswallen begraven mocht worden, werd in 1811 aan de Stenen Kruisstraat een begraafplaats opgericht. Oorspronkelijk kende de begraafplaats drie gedeelten, een protestants, een katholiek en een Israëlitisch gedeelte. De in 1905 gesloten begraafplaatst is in 1925 voor het grootste gedeelte geruimd en zijn veel stoffelijk resten elders herbegraven. Wat rest is een gedeelte van de protestantse begraafplaats, daaromheen ligt nu het Julianapark.

Op een splitsing gaat u linksaf en na een bankje twee maal rechtsaf. U heeft nu het oudste buitenwalse kerkhof van Nijmegen aan uw rechterhand. Na het kerkhof neemt u het fietspad naar rechts en bij een splitsing het grindpad links. Juist vóór een standbeeld van twee wandelaars gaat u links en bij een splitsing rechts. Aan het eind van het grindpad gaat u linksaf de Waldeck Pyrmontsingel in. Dan rechtsaf de Wilhelminasingel in met de prachtige huizen met serres.U gaat dan de tweede links, de Sloetstraat in en loopt aan het einde rechtsaf om het hekwerk van concertgebouw de Vereeniging heen, richting een grote verkeersrotonde, het Keizer Karelplein. 

Park van het Keizer Karelplein: Het Keizer Karelplein is een van de bekendste pleinen in Nijmegen. Het ontwerp voor het plein komt van de Maastrichtenaar W.J. Brender à Brandis, die duidelijk werd geïnspireerd door het Place de l'Étoile (tegenwoordig Place Charles de Gaulle) in Parijs. Het plein werd rond 1880 aangelegd als een belangrijk onderdeel van de stadsuitleg die plaatsvond na de afbraak van de vestingwerken. Het Keizer Karelplein werd met zijn oorspronkelijke diameter van ongeveer 150 meter even groot als zijn Parijse voorbeeld en kreeg eenzelfde allure, al spreekt de Nijmeegse variant misschien niet zo tot de verbeelding. Zes straten, waaronder enkele belangrijke invalswegen, werden op het plein aangesloten. Rondom het verkeersplein verrezen statige villa's en herenhuizen en in het midden werd een parkje aangelegd. In de loop der tijd is het aanzien van het plein flink veranderd. In de Tweede Wereldoorlog werd tweederde van de bebouwing aan het plein verwoest en waar statige villa's hadden gestaan, verrezen vanaf de jaren '50 grootschalige kantoorgebouwen uit de grond. Er vonden ook kleinere ingrepen plaats. Zo werd de rijbaan in de jaren '60 wat versmald, waardoor een vrijliggend fietspad kon worden aangelegd - daarvóór reden fietsers op het plein zelf. Het belangrijkste probleem vormt tegenwoordig de verkeersdrukte op het plein: regelmatig staat het verkeer er helemaal vast, wat vervolgens leidt tot opstoppingen in de omringende straten.

Indien mogelijk kunt u het plein oversteken en het park in het midden daarvan bezichtigen. Ook kunt u rechtsom lopen en na de ABN-Amro-bank rechtsaf slaan. Dit is feitelijk rechtdoor vanaf waar u het plein opkwam. Dan alsmaar rechtdoor, u passeert een grote zuil, het Quack-monument, en steekt rechtdoor over, rechtdoor de Kronenburgersingel in. 

Het Kronenburgerpark: Toen in 1874 de Vestingwet in werking trad, konden de zo gehate stadsmuren eindelijk worden afgebroken. Terwijl men vanaf 1876 grote delen van de omwalling begon te slopen, werd al in de eerste plannen voor de stadsuitbreiding gepleit voor het behoud van een deel van de stadsmuur nabij de monumentale Kronenburgertoren. De toren en stadsmuur zouden de achtergrond moeten gaan vormen van een nieuw aan te leggen stadspark. Na 1880 begon men met de aanleg van het wandelpark, dat was ontworpen door de Leuvense tuinarchitect Liévin Rosseels. Het heuvelachtige terrein, overigens kunstmatig aangelegd, werd met vele bomen en struiken beplant. Aan de voet van de Kronenburgertoren werd de (soms droogliggende) stadsgracht omgevormd tot een sierlijk slingerende vijver. Ook kreeg het park een hertenkamp en later een grote volière. Het park wordt gedomineerd door de ruim dertig meter hoge Kronenburgertoren, die - omdat hij vroeger in gebruik was als opslagplaats voor buskruit - ook wel bekend is onder de naam 'Kruittoren'. De verdedigingstoren werd in 1425-1426 gebouwd als onderdeel van de tweede stadsomwalling, die op dit punt een hoek maakte. Zuidelijk van de toren zijn de muren van later datum (16de eeuw). Eerst staat daar het rondeel 'De Roomse Voet'. Dit uitspringende deel in de stadsmuur herbergde tot voor kort een paddenstoelenmuseum. Nog eens 100 meter verderop ligt de Sint-Jacobstoren. Bovenop dit bolwerk stond eens de Sint Jacobsmolen

U gaat langs de flat via het voetpad direct rechts het park in. Bij een splitsing houdt u links aan, met het hertenkamp aan uw rechterhand. Daarna de eerste links en eerste rechtsaf. Na het standbeeld van een grote leeuw en na een bankje gaat u links en bij de waltoren aangekomen wederom links. U loopt verder rechts om de vijver heen en blijft daar langs lopen. Na de vijver het park uitlopen richting bebouwing en direct linksaf de Parkweg in. Dan direct recht de winkelstraat in. U bevindt zich in de "oudste winkelstraat van Nederland", de Lange Hezelstraat. Als u deze helemaal uitloopt komt u op een pleintje met waterkunstwerk. Daar gaat u schuin rechtdoor, de trappen op richting de Sint Stevenskerk. Boven aangekomen gaat u rechts en loopt om de kerk heen. Aangekomen bij de achterzijde van de kerk, bij een pand met een houten pui, daalt u rechts enkele trappen af en gaat linksaf. U steekt een straatje over en loopt naar een restaurant/brouwerij, de Commanderie van St. Jan genaamd. Net vóór dit pand gaat u linksaf voor het oude hek langs en aan het einde, 20 meter verder, de trappen naar beneden totdat u, onder aangekomen, linksaf een klinkerstraatje ingaat. Op een kleine rotonde met beeld, de Kitty de Wijze plaats, gaat u scherp rechtsaf, loopt deze straat uit, steekt over en gaat de St. Anthonispoort onderdoor. Dan rechts het trappetje op en rechtsaf de oude Waalwal op. Hierna gaat u links richting de Waalkade en dan rechtsaf langs de Waal loopt u richting de Waalbrug (met witte boog). Na een paar honderd meter, juist vóór de vluchthaven en bij een hoog stalen kunstwerk, kunt u rechtsaf de grote trappen omhoog richting Kelfkensbos, het beginpunt van de wandeling. 

Ook kunt u rechtdoor, langs de vluchthaven richting Waalbrug lopen. Voor de brug en direct na de vluchthaven gaat u linksaf en volgt het pad dat onder de brug doorloopt, een ruime bocht naar rechts maakt en u aan het eind met trappen omhoog op een weg doet uitkomen. U gaat hier rechtsaf,  terug onder de Waalbrug door. Bij een splitsing van de klinkerweg gaat u links, de weg omhoog. Na 100 meter gaat u links een grindpad op richting het bloemenwapen van Nijmegen. U gaan dan direct rechts de trappen omhoog richting Belvédère. Boven aangekomen steekt u een paadje over en gaat verder omhoog richting stenen brug. U steekt deze over en loopt boven op de oude stadswal. Dit pad daalt op het einde waarna u rechtsaf gaat richting het Kelfkensbos, het beginpunt van de wandeling.

Laatste controle: 11-07-2012

Stichting Noviomagus.nl kan niet aansprakelijk gesteld worden voor de juistheid van deze stadswandeling en de gevolgen die gebruik ervan met zich kunnen meebrengen. U loopt dus op eigen risico.

Heeft u genoten van een van deze wandelingen? U kunt een vrijwillige bijdrage storten op giro 9441156 t.n.v. Stichting Noviomagus.nl te Nijmegen o.v.v. "stadswandeling Noviomagus". Indien u ons wilt steunen als donateur of sponsor, kijk dan op de donateurspagina of email: info@noviomagus.nl  Bedankt voor uw deelname!

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: