Zuuk t mar uut - Wim Janssen

Uit het Nimweegs verleden 78

25-01-1984

Wat is bijgeloof? (2)

In een uitzending van de N.C.R.V. vertelde Rien Poortvliet -bekend door zijn boeken en tekeningen over de natuur - vorig jaar een merkwaardig verhaal. Op een van zijn zwerftochten door de natuur raakte hij een van zijn honden kwijt. Hoe hij ook riep of zocht, zijn hond was en bleef weg! Bij het invallen van de schemering moest hij zijn zoeken staken en keerde somber gestemd naar huis terug. De volgende ochtend was hij al weer vroeg op pad om zijn hond te zoeken, maar al zijn speuren bleef vruchteloos.

Hij kon er maar niet over uit, dat zijn hond weg was. Deze kon toch niet zomaar van de aardbodem verdwenen zijn?
Dagen en weken bleef hij het bos en de naaste omgeving uitkammen, maar al zijn zoeken leverde geen resultaat op. Ten einde raad stelde hij een brief samen, waarin hij een beroep deed op de mensen uit zijn woonplaats en daarbuiten, om hem bij het zoeken van zijn hond behulpzaam te zijn. Deze oproep liet hij veelvuldig kopiëren om ze daarna eigenhandig bij de mensen in de brievenbus te deponeren. Haast dagelijks ging hij op pad om in steeds groter wordende kringen om zijn huis naar de hond te zoeken en zijn schriftelijke oproep om hulp hierbij rond te brengen.

De waarzegger

Maar ook deze kosten en moeite bezorgden hem geen succes. Op een dag opperde een kennis van hem het plan om een „waarzegger" of een „helderziende" in te schakelen. Maar deze kennis kreeg op een verontwaardigde toon van Poortvliet te horen, „dat hij daar niets voor voelde, want hij hield zich niet op met die flauwekul en bijgelovigheid". Zijn kennis bleef er toch steeds bij Poortvliet op aandringen om het toch maar eens te proberen, want zelf had hij daar al eens goede ervaringen mee opgedaan. Omdat Poortvliet op het laatst radeloos werd van het zoeken naar zijn hond, bezweek hij toch onder de druk van zijn vriend en besloot ertoe over te gaan. De vriend nam contact op met de „waarzegger/helderziende" en maakte voor Poortvliet een afspraak. Aarzelend en wat verlegen vertelde Poortvliet het gebeurde aan de man, zonder dat hij maar even geloofde dat het resultaat zou hebben. De „waarzegger" nam de door Poortvliet meegebrachte foto aan en vroeg hem een zo nauwkeurig mogelijke beschrijving van de hond en de plaats waar deze zoekgeraakt was. Nadat Poortvliet aan deze wens had voldaan, ging de „ziener" in een soort trance. De man bleef enige tijd met gesloten ogen zitten en liet de vingers van zijn rechterhand over de foto gaan, waarna hij aan het vertellen ging: Hij zag een molen die op een dijk stond met daarnaast - maar lager gelegen - een woonhuis met een tuin ervoor. De tuin, zo vertelde hij verder, was rondom afgezet met een hekwerk. Tegenover de voordeur was een toegangspoortje in het hekwerk aangebracht, waar een naambordje op bevestigd was. 

Aan de andere kant van de molen lag een „wiel" (wiel of wieling is hetzelfde als een kolk, ook wel „waal" genoemd). Zo'n wiel of kolk ontstaat meestal door een dijkdoorbraak. Door de wielding of de nering van het water, dat zich met grote kracht door de dijkbreuk perst, zijn deze kolken vaak erg diep. Op of bij deze beschreven plaats moest de hond van Poortvliet verblijven, aldus de waarzegger. Poortvliet, die het hele verhaal ongelovig had zitten aanhoren, betaalde het consult en ging naar huis. Ook al geloofde hij het verhaal van de „waarzegger" niet, bij het rondbrengen van de oproepen en het zoeken naar zijn hond keek hij toch uit naar de beschreven plaats. Hij zag op zijn speurtochten wel eens molens, maar er was óf geen huis óf geen kolk bij. Een molen met een huis en een kolk had hij nog niet gezien. Op een dag dat hij weer eens aan het rondrijden was, zag hij in de verte weer een molen staan. „Wat kan ik verliezen om daar een kijkje te gaan nemen, dacht hij en reed in de richting van de molen. Toen hij dichterbij gekomen was, zag hij een kolk en een woonhuis, waarvan de tuin met een hekwerk afgezet was. Toen hij uit zijn auto gestapt was en naar de tuin liep, zag hij op het tuinhekje een naambordje zitten. Hij liep naar het tuinhekje toe en bleef vol verbazing met een ongelovige blik in zijn ogen stokstijf staan! Hij werd door een onbestemd gevoel bevangen, want op het naambordje stond zijn eigen naam te lezen: Poortvliet! Er stonden alleen andere voorletters bij. Niet in staat zich te bewegen, bleef hij naar het naambordje turen. Toen er een man uit het huis naar hem toekwam en hem aansprak, kon hij geen woord uitbrengen en staarde verbaasd van het naambordje naar de man. Toen deze hem vroeg of hij iets zocht, kon hij eindelijk, na veel moeite, het verhaal van zijn zoekgeraakte hond vertellen. Zijn verbazing werd nog groter, toen de man vertelde dat hij inderdaad op het goede adres was, want hij had zich enige tijd geleden over een loslopende hond ontfermd. Deze hond bleek inderdaad de hond van Rien Poortvliet te zijn! 

De vraag die ik u nu wil stellen, is deze: Is het geloven in de waarzeggerij nu bijgeloof of niet? Of is het, zoals de Engelse schrijver William Shakespeare in zijn tijd schreef: „Er is meer tussen aarde en hemel dan de mens beseffen kan!"?.

Klik hier en reageer daarmee per email als u uw reactie hieronder wilt laten plaatsen

Bron (©) 1984 Wim Janssen - Nieuwsblad De Brug Nijmegen

terug

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: