Zuuk t mar uut - Wim Janssen

Uit het Nimweegs verleden 26

19-11-80

Bij het lossen van een kleine boot waarbij alle omstandigheden zoals: het weer, de waterstand en de inhoud van de boot in het voordeel van de sjouwers waren, konden zij met betrekkelijk weinig alcohol af. Wanneer zij echter een grote boot of meerdere kleine boten achter elkaar moesten lossen en vooral wanneer de weersomstandigheden tegen zaten, werden er vaak onvoorstelbare hoeveelheden alcohol naar binnen gewerkt.

Hoe langer het werk duurde, waardoor er steeds meer van hun uithoudingsvermogen gevraagd werd, des te minder gingen zij eten maar dronken dan zoveel te meer, zij werden dan op de been gehouden door de drank.
De drank was de stimulans om het karwei tot een goed einde te brengen. Zoals tegenwoordig sommige artiesten en topsporters verdovende middelen gebruiken om tot buitengewone artistieke of krachtprestaties te komen zo gebruikten de sjouwers daar de drank voor. Door hun lichaam met alcohol te voeren, waardoor zij hun kracht en uithoudingsvermogen opschroefden, konden zij een ongelovige krachttoer verrichten. Met het vuil en stof nog aan hun lichaam en kleding gingen zij, als zij het werk geklaard hadden, naar het café om het zwaar verdiende loon in ontvangst te nemen en nog een flink glas te drinken. Heel vaak kwamen zij dan 's avonds dronken thuis om dan met een trots gebaar een vorstelijk geldbedrag op tafel te leggen. Geheimhouding van de verdiende lonen was ook weer een van die ongeschreven regels waar een ieder zich aan te houden had. Hun vrouwen kregen nooit het totaal verdiend loon in handen. Men deed dat voornamelijk om zelf enige financiële spelingsruimte te hebben om hun schulden, die zij tussentijds bij de kasteleins gemaakt hadden, af te kunnen lossen. Daarnaast wilden zij voorkomen dat hun vrouwen, bewust of onbewust misschien, het aan buren of kennissen door zouden vertellen. Hierdoor zou het gevaar kunnen ontstaan dat de steunverlenende instanties de hoogte van hun verdiensten te weten zouden komen, wat hen in grote moeilijkheden zou kunnen brengen.
Daarom heeft de schoonvader uit het vorige stukje dezelfde dag nog zijn schoonzoon op het hart gedrukt zijn verdiende loon niet aan anderen bekend te maken. De sjouwers hielden er verschillende stamkroegen op na. De voornaamste waren wel: het café van Joep en Dien Esters aan de Waalkade, „De Oude Toelast" (de naam van een groot wijnvat) dat werd gedreven door (de kale) Mulder, op de hoek van de Waalkade en de Grotestraat, 

"Het Witte Peerd" van boer Peeters en Teurlings op de hoek van de Steenstraat en de Grotestraat. Dit café dankte deze naam aan een wit beeld van een liggend paard met een goud vergulde hoorn op het voorhoofd. Het was de bekende eenhoorn uit de fabelleer die alleen maar door reine maagden gevangen kon worden, althans volgens het bijgeloof. Bij de sloop van de oude stad heeft men het beeld kunnen redden en het is nu te bewonderen in de Commanderie van St. Jan op de Korenmarkt. Dan had men op de Waalkade nog o.a. Van Meeteren en Linsen en op de Lage Markt café Roelofs. De heren Samson en Mulder waren verwoede sportjagers die regelmatig met leden van de Nijmeegse elite op jacht gingen. De Kaaisjouwers waren natuurlijk niet alleen van deze cafés afhankelijk, integendeel zelfs, zij konden kiezen uit een overstelpend aantal van deze gelegenheden.
Een vijfentachtigjarige Nijmegenaar heeft mij eens verteld dat er in zijn jongenstijd wel vijftig tot zestig van die dranklokalen in de oude stad aanwezig waren. En met de oude stad bedoel ik het gedeelte dat begrensd werd door: de Lage Markt, Nieuwe Markt, de Hezelstraten, Grote Markt en de Waalkade. Het klinkt misschien wel ongelooflijk, maar zelfs in de oorlogstijd waren er nog altijd zo'n veertigtal te tellen. Ook in het verdere gedeelte van Nijmegen wemelde het van diverse kroegen, cafés enz. Weet u trouwens, dat er op het ogenblik in Nijmegen nog altijd ± vierhonderd vijfentwintig gelegenheden zijn die vergunning hebben om bier en sterke drank te kopen? Deze vergunningen zijn verstrekt aan: hotels, cafés, restaurants tot wijkcentra en klubhuizen toe plus alles was daar tussen is. Weet u ook dat het drankgebruik de laatste twintig jaar verdrievoudigd is? Wanneer de kasteleins en de kasteleinse uit de cafeetjes van vroeger brood op de plank hadden moeten krijgen uit de klandizie van de oude stadsbewoners dan hadden niet alleen de muizen dood voor de kast gelegen maar dan zouden zij zelf het ook niet overleefd hebben.

Klik hier en reageer daarmee per email als u uw reactie hieronder wilt laten plaatsen

Bron (©) 1980 Wim Janssen - Nieuwsblad De Brug Nijmegen

terug

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: