Zuuk t mar uut - Wim Janssen

Uit het Nimweegs verleden 8

1979

In het broodjeshuis van de Fransche zusters, op de Duivengas kregen wij 's maandags rijstepap, 's woensdags broodjes met warme melk en zaterdags havermoutpap als ontbijt. Je moest daarvoor eerst in de rij staan om je beurt af te wachten. Na het ontbijt gingen wij rechtstreeks naar school. Wanneer om 12 uur de school uit ging renden wij om het hardst naar het „soephuus" dat gevestigd was in het Arsenaal, het tegenwoordige Gemeentearchief, op het Mariënburgplein (1979 red.). Daar kregen wij 's maandags stampot met vlees er door gemengd, dinsdags erwtensoep met worst, donderdags bruine bonen met spek en vrijdags rijstepap. Ook daar moesten wij, onder toezicht van een politieagent, in de rij staan om onze beurt af te wachten. Op een afgesproken teken liet hij steeds een stel kinderen naar boven gaan waar er weer een rij gevormd werd en waar tevens je deelnemerskaart geknipt werd. Het aantal knippen in je kaart gaf aan of je ondergoed, lange zwarte kousen of klompen kreeg. Met een volle kaart maakte je aanspraak op alle artikelen. Er waren genoeg kinderen die een pan of emmertje meebrachten om over geschoten eten mee naar huis te nemen voor de overige gezinsleden die daar vaak met ongeduld en een hongerige maag op zaten te wachten. Ondanks de misprijzende opmerkingen over het eten die men daarover nu nog wel eens maakt, kan ik niet anders zeggen dan dat het voedsel van zeer goede kwaliteit was en dat het door vaak bekwame koks verzorgd werd. 

Sommige mensen, die helemaal in erbarmelijke omstandigheden verkeerden, werden in staat gesteld voor de somma van 5 ct een portie eten te kopen. Andere groeperingen zoals onvolledige gezinnen wat hoofdzakelijk weduwvrouwen met kinderen waren, konden op aanbeveling van de armenzorg op het stadhuis een kaart halen voor gratis maaltijden. Deze mensen konden maar niet zoveel porties bestellen als zij maar wilde. O nee, dat was heel scherp berekend. Nemen wij als voorbeeld een weduwvrouw met 2 kinderen onder de 6 jaar en twee kinder boven de 6 jaar dan was het rantsoen als volgt: de twee kinder onder de 6 jaar kregen samen één portie, de twee kinder boven de 6 jaar kregen ieder een portie terwijl de moeder maar een halve portie kreeg. Volgens de toenmalige redenering kon de moeder wel iets van de kinderen mee eten. Stelt u zich eens voor 3 1/2 portie eten voor 'n moeder en 4 kinderen. Wanneer zij veel geluk had dan kreeg zij van de Vincentiusheren nog 3 of 4 broden per week om de ergste honger te stillen. U kunt wel nagaan dat het in zo’n gezin geen weelde was en dat „koning Honger" daar regelmatig op visite was. 

Er bestond ook nog een vereniging die zich bezig hield met het organiseren van St. Nicolaasfeesten voor de noodlijdenden kinderen. Ik meen mij te herinneren dat deze vereniging de naam „Voor Het Misdeelde Kind" droeg. Hier waren veel onderwijzeressen en onderwijzers bij aangesloten. Vlak na St. Nicolaas gingen deze dames en heren (met grote wagens door paarden getrokken beschikbaar gesteld door van Gend en Loos) langs alle winkels in de stad om snoepgoed en speelgoed in te zamelen voor deze jeugd. Deze wagens werden links en rechts vergezeld door collectrice's en collectanten om nog wat geld in te zamelen om andere onkosten te bestrijden. In het Concertgebouw De Vereeniging werd dan een kindermiddag georganiseerd waar ook St. Nicolaas op bezoek kwam om ook tot deze kinderen een vermanend woord te spreken. Na afloop van de kindervoorstelling mochten wij dan langs de garderobetafels lopen waar achter de dames en heren stonden die onze handen dan volladen met speculaas en taai taaipoppen en ander snoep, prentenboeken en speelgoed. Buiten werden wij dan opgewacht door onze ouders die ons dan mee hielpen de kostbare spullen heelhuids thuis te krijgen.

Over de sociale omstandigheden en vormen van liefdadigheid is nog veel meer te schrijven, maar daar kom ik later nog wel op terug. Eerst wil ik al die mensen die schriftelijk of telefonisch met mij in contact traden zéér hartelijk bedanken voor hun reacties, het is gewoon overstelpend, hartverwarmend en vaak ook emotioneel voor mij. Niet alleen dat er mensen reageren die het een en ander wat ik beschrijf aan den lijve hebben ondervonden en in mijn stukjes iets van zich zelf herkennen, maar ook uit de gegoede stand, mensen die geleerd en geletterd zijn reageren en zij sporen mij allemaal aan om toch vooral door te gaan met deze stukjes. Merkwaardig is dat zij mij allemaal dezelfde vragen stellen en wel: Hoe oud of ik ben? Waarom of ik deze stukjes schrijf? Wat of mijn achtergrond is? Of ik er soms een studie van gemaakt heb? Daarom zal ik in het volgende stukje een korte schets van mijn ouders en ons gezin geven. Een paar antwoorden kan ik al wel reeds geven. Ik word dit jaar in september 60 jaar, hoop ik tenminste. Mijn vrouw en ik hebben 4 kinderen, 3 zoons en een dochter, 3 kinderen zijn getrouwd en wij hebben nog een zoon thuis. Deze stukjes schrijf ik omdat ik aangespoord ben geworden door mijn 3 jonge studentenvrienden Frank, René en Serveas met hun vriendinnen. Ook de Hr. Klaazen van „De Brug" heeft mij een duw gegeven. Mijn achtergrond is het arbeidersgezin ik heb geen studie's gemaakt of een opleiding genoten, integendeel ik heb maar 6 klassen lagere school gehad en ben in 1933 op 14-jarige leeftijd gaan werken. Dat is het dan wat mij betreft.

Klik hier en reageer daarmee per email als u uw reactie hieronder wilt laten plaatsen

Bron (©) 1979 Wim Janssen - Nieuwsblad De Brug Nijmegen

terug

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: