|
© copyright Henny Meijer; Digitale bewerking: Mark van Loon/Stichting Noviomagus.nl Dappere Nijmeegse mensen in oorlogstijd door Henny Meijer | ||||||
|
Het zal je toch gebeuren dat je een Geallieerde vlieger aan een parachute de rivier ziet inzeilen, je van je fiets afspringt en het water induikt om deze gewonde vlieger te redden, wat niet lukt, doodop en kletsnat je weer verder wilt gaan en blijkt dat iemand je fiets heeft gestolen, toen jij op leven en dood vocht in het koude water! Dit verhaal heeft mij nooit losgelaten en als ik die fietsendief te pakken had gekregen was er waarschijnlijk een misdaad door mij gepleegd. Hoe laag kan iemand vallen? De genoemde vlieger was van het Squadron 486 Flying Officer William Arthur('Wacky') Kalka, Royal New Zealand Airforce (RNZAF), leeftijd 22 jaar, service nummer 415415. Hij vloog in zijn Tempest jachtvliegtuig NV981.
Hij was een z.g. V1 Ace en had acht van die vliegende bommen V1 uit de lucht gehaald voordat zij hun vernietigende werk konden uitvoeren. Op 25 maart 1945, een paar dagen na de Geallieerde inval met ca. 450.000 man vanuit Groesbeek-Gennep in Duitsland, werd Kalka door FLAK (Duits luchtafweergeschut) geraakt en kon zijn thuisbasis Volkel in Noord Brabant niet meer halen. In de buurt van Grave moest hij springen, doch hij wachtte te lang om te voorkomen dat zijn vliegtuig in een bewoonde omgeving terecht zou komen. Omdat hij te laag vloog werkte de parachute onvoldoende en de gewond geraakte vlieger “Wacky”Kalka viel gewond in de Maas. Hij landde met parachute en zware pilotenuitrusting tussen Niftrik en Balgoij in het koude Maaswater. Alleen zijn handschoenen wist de piloot voor de landing uit te doen. Zijn kleding zoog zich vol water, het gewicht sleurde hem naar de diepte. Zijn doodsstrijd werd op zondagmiddag 25 maart 1945 gadegeslagen door tientallen gelovigen die zojuist uit het lof kwamen. Niemand ging te water om de in doodsnood verkerende Nieuw-Zeelander te redden. Tot de Nijmeegse Riet Janssen langsfietste. Ze was op weg naar haar oom en tante die met hun binnenschip lagen afgemeerd in de dode Maasarm bij Niftrik. Rita bedacht zich geen moment. Ze gooide haar fiets in de berm en dook in de Maas. Bill Kalka werd door de stroom meegevoerd, maar de 21-jarige Nijmeegse was een uitstekend zwemster. Rita slaagde er in de piloot beet te grijpen. Maar hij was te zwaar voor haar. De vrouw slaagde er niet in de ongelukkige boven water te houden en zijn bepakking los te maken. Alleen het eerstenhulppakket wist ze los te trekken: Kalka werd verzwolgen door het water. Uitgeput en in tranen wist Rita Janssen de oever te bereiken. Daar bleek haar fiets te zijn gestolen. Omstanders reikten haar dekens, die de kilte uit haar lijf en hoofd niet konden verdrijven. Ze kreeg sigaretten voor haar vader mee, chocolade voor haar moeder en snoep voor haar vier zussen. In juni 1945 werd het hele gezin uitgenodigd in Huize St-Anna, aan de Groesbeekseweg, tijdelijk stadhuis en hoofdkwartier van het Militair Gezag. Een delegatie overhandigde Rita namens de Hoge Commissaris voor Nieuw-Zeeland een dankbrief en een splinternieuwe Engelse Simplex-fiets.
Het lichaam van Bill Kalka werd drie weken later uit de Maas gehaald. Dankzij het herkenningsplaatje om zijn hals werd hij snel geïdentificeerd. Zijn squadron was al van Volkel vertrokken, het leger achterna dat Hitlers ondergang zou bezegelen. Kalka ligt begraven op het Britse Oorlogskerkhof te Uden graflocatie 6.F.8. Het gezin Janssen adopteerde het graf van Kafka. Epiloog: Rita Janssen trouwde op 7 april 1947 in de Notre Dame in Parijs met Pat Guiney, een kolonel van het Amerikaanse leger, en verhuisde naar Hershey in de Amerikaanse staat Pennsylvania. De nabestaanden van de onfortuinlijke vlieger wonen in de Nieuw-Zeelandse provincie Auckland. De moeder van Bill Kalka had drie zoons bepakt en bezakt naar Europa zien trekken. Haar jongste keerde nooit terug. Haar dochters legden schriftelijk contact met Nederland, met de mensen die Bill het laatst gezien hadden. Het kostte de moeder jaren voor ze emotioneel in staat was het contact over te nemen. Het New Sealand Fighter Pilots Museum in Wanaka ging in de jaren negentig op zoek naar gegevens over de lotgevallen van piloot Bill Kalka. Na bijna 50 jaar, tijdens ontzandingwerkzaamheden in de Loonse Waard haalde een kraanmachinist wrakstukken uit de aarde, zich onbewust van het belang van de toevallige vondst. Paul Strik, samen met zijn vriend Rudy Bernts, besloot de directe omgeving met een metaaldetector af te zoeken. Met de schop groeven de mannen een grote kuil en haalden onder andere de tandwielkast van de propeller van het vliegtuig bovengronds. Tussen de brokstukken een aluminiumplaatje waarop het nummer NV-981 was geschilderd, het onomstotelijke bewijs waar de Hawker-Tempest van Bill Kalka zich in de aarde had geboord. 486 Squadron RNZAF at Volkel 1945
Members of 486 Squadron killed while based at Volkel: •Raymond Cammock DFC (age 21) of 486 as killed 6 October 1944 when his Tempest JN863 was hit by flak while attacking an ammunition train. •Stamford Williams (age 24) of 486 killed 22 December 1944 when his Tempest EJ715 was hit by Flak near the Dutch border while returning to Volkel. •Bevan Hall (age 22) of 486 killed 27 December 1944 shot down near Munster. •Arthur Umbers DFC (age 25) C.O. of 486 killed on 14 February 1945 when his Tempest NV715 was hit by flak and exploded on impact near Meppen. •William Kalka (age 21) of 486 killed on 25 March 1945 when his Tempest NV981 was hit by flak, he bailed out but came down in the River Maas and drowned. •Anthony Bailey (age 23) of 486 killed on 26 March 1945 when his Tempest NV932/U was hit by flak Bronnen van dit verhaal: Privearchief (Knipsels De Gelderlander 1995 en 2000), Website Nieuw Zeeland. |