Bedrijfshistorie Van Lith

copyright J. van Lith Digitale bewerking: Henk Kersten/Stichting Noviomagus.nl

Bedrijfshistorie

De firma "van Lith en Zonen"

Onderstaande geschiedenis is grotendeels ontleend aan A.W. Jansen, 1987 : " van Lith, geschiedenis van een molenaarsgeslacht" p.229-297.

De firma "van Lith en Zonen" werd opgericht in 1925 door Jan van Lith senior en zijn beide zonen Piet en Jan, allen graanhandelaren afkomstig uit Bergharen waar het geslacht van Lith sinds overkomst uit Zevenbergschen Hoek in 1859 molenaar en bakker was.

v.l.n.r.: Johannes Hendrikus van Lith (Jan Sr), oprichter Van Lith & Zonen,

Johannes Hendrikus van Lith (Jan Jr), medeoprichter, portret uit 1926,

Petrus Josephus van Lith (Piet Sr.), medeoprichter, portret uit 1927.


Voor de uitoefening van het bedrijf werd van de fa. C. Teurlings het pand aan de Weurtseweg 32 gekocht dat door Teurlings in 1912 was gebouwd en dat bestond uit een maalderijgedeelte, een kantoor en een bovenwoning. 

Tekening van het voorpand uit 1912 voor de fa. Teurlings.

Tot de koop behoorde ook het achter een binnenplaats aan de Waalbandijk gelegen pakhuis dat uit 1880 dateerde. 

 

 

 

 

 

 

Pakhuis ("stoommeelfabriek") aan de Waalbandijk.


Ook werd van Teurlings het woonhuis Krayenhofflaan 14 gekocht waar Jan sr. en Piet zich vestigden. Jan jr. woonde aanvankelijk aan de Krayenhofflaan 112 en verhuisde in 1928 naar de Kronenburgersingel 1a.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Woonhuis Krayenhofflaan 14.

Het bedrijf richtte zich op de bewerking en verwerking van granen ten behoeve van bakkers en veehouders. Voor de bakkers werd rogge en tarwe gemalen. Verder werd er graan bewerkt : schonen, pletten, punten en mengen.
Het graan werd per aangenomen schip los gestort aangevoerd, vooral uit Rotterdam. Voor het 'gezakt' lossen waren vijf man nodig : twee in het schip vulden de zakken, twee droegen de zakken naar de wagen , verder was er de chauffeur van de vrachtwagen.

"gezakt" lossen van graan, 1928.                               Laden op de vrachtwagen, naast de auto Piet van Lith, 1928.

In 1928 werd een pneumatische graanlosinrichting gebouwd door Ten Zijthoff te Deventer. Voordat het zover was moest een lange bureaucratische weg gegaan worden, zo voor de bescherming van het dijklichaam waarin drie palen geplaatst moesten worden. 

Tekening voor de zuigleiding, 1925.

De gegarandeerde capaciteit van deze zuiger bedroeg 10 ton per uur maar met zeer droog en stofvrij materiaal, bv. "Laplata"mais werd wel 13 ton gehaald.

Lossen met de pneumatische losinstallatie ("zuiger"), 1928.

Het bedrijf ging zeer voorspoedig van start: reeds in het eerste jaar werd een omzet van fl. 300.000 gehaald. In de crisisjaren 1931-35 echter daalde de omzet met 25 % wat vooral te wijten was aan de verkleining van de veestapel. Daarom werd toen de voorkeur gegeven aan zakgoed per beurtvaarder. Nadat tevergeefs getracht was om een ontheffing voor een eigen motorschip te verkrijgen werd in 1934 met de schipper J.A.van Vliet voor het motorschip "Josephine Martina" een overeenkomst gesloten voor alle vervoer naar en van Nijmegen voor 'van Lith en Zonen'. In 1937 werd een nieuwe overeenkomst gesloten met Motorbootdienst Industrie Gebr.Haasnoot & van Kessel.

Het personeel bestond uit vier of vijf man, in drukke tijden aangevuld met losse krachten.
De "knechten" waren bekend onder hun bijnaam : Dikke Hent (H. van Wezel) en Gerrit de Kraai (G. van Kraaij) waren de chauffeurs, verder Magere Hent (H. Sengers), Theeke (Th. Jansen) en Kees (K. Jansen).

Het autopark bestond aanvankelijk uit een "Daag", een Ford en een Chevrolet-Touring, in 1930 een Ford, een Chevrolet, een Morris en een Nash luxe wagen, in 1933 aangevuld met een Renault. In de oorlog waren er twee Chevrolets, een op houtgas en een op turfgas die werd gevorderd, evenals de Opel Kadett die kort voor de oorlog was aangeschaft.
Na de oorlog werd "de houtgas" aangevuld met een Dodge uit legervoorraden met een rond luik in het cabinedak voor bewapening.

Op 30 december 1941 brak brand uit in het pakhuis aan de Linker-Waalbandijk tengevolge van broei of van kortsluiting. Volgens een van de brandweerlieden had hij "nog nooit zo'n mooie brand gehad". Het blussen duurde twee dagen. Herbouw in baksteen werd afgekeurd maar in 1946 werd een bouwvergunning verleend voor een nieuwe silo in beton tussen de twee gebouwen. In 1948 kwam de bouw gereed. Het nieuwe silogebouw telde 6 silo's van 40 ton en 3 van 50 ton.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bouwtekening voor het in 1948 gereedgekomen silogebouw.

De illustratie is aanklikbaar voor een vergootte weergave.



Door het bombardement op 22 februari 1944 werd het huis van Jan van Lith aan de Kronenburgersingel beschadigd en in september geheel vernietigd. Het gezin vestigde zich in Wijchen van waaruit Jan zijn zaak in Nijmegen bleef voeren, ook toen Nijmegen frontstad was : hij mocht dagelijks het frontgebied binnen door op zijn Tempo driewieler een paar zakken pulp naar de stad te brengen ten behoeve van de voedselvoorziening. Zijn oudste zoon Harry werd in een Engelse pantserwagen naar Nijmegen gesmokkeld om in het Canisius College intern te gaan.

 

 Links het dichtgetimmerde pand Kronenburgersingel 1a.


Reeds in de oorlog werd begonnen met overslag voor de firma Adriaan van der Valk en Co te Rotterdam, dit nam geleidelijk de overhand zodat aan het einde van de zestiger jaren geen graan meer werd bewerkt.  

 

In 1954 werd de firma 'van Lith en Zonen' gescheiden : Piet bleef dit bedrijf als enige vennoot voortzetten, met assistentie van zijn zonen Ton en Piet jr., die in 1967 de zaak overnamen. In 1970 trad Ton uit de firma en vertrok naar Nieuw-Zeeland. Op 28 oktober 1977 kwam het werk plotseling stil te liggen door verzakking van de kademuur van de Waalhaven. Daardoor raakte de pijler van de zuigleiding defect en konden de schepen de wal niet bereiken. 

De verzakte kademuur met zuiger in 1977.

De aanvoer van graan kwam een jaar lang stil te liggen. Dit betekende het einde van het bedrijf. De gebouwen werden in 1979 verkocht aan H. Ruijten, antiquair te Oldebroek.

 De firma "van Lith en Zonen" was na ruim 50 jaar opgeheven. Hiermee kwam ook een einde aan 300 jaar over minstens 8 geslachten van molenaars, bakkers en graanhandelaren.

Waalbandijk 80-er jaren (foto Hans Arts)

Het pand en pakhuis aan de Weurtseweg in 2002, juist voor de sloop.

Wij danken dhr. J. van Lith voor het ter beschikking stellen van dit prachtige historische materiaal.

terug naar gastredactiepagina J. van Lith.

Reactiepagina
Reactie 1:

Cor Janssen, 30-06-2015: Toch nog iets van de historie van mijn vader gevonden. Hij was een van de vaste medewerkers (Kees Janssen met 2 ssen). Ook Hent Sengers kan ik mij herinneren. Inderdaad broodmager en heel beweeglijk.
Het was heel zwaar werk en ik ruik nog de cajaputtieolie waar ze zich mee insmeerden om de spieren in beweging te houden en spierpijn te voorkomen.
Mij vader heeft na van Lith nog vele jaren gewerkt bij de Hyster, voor hem een hemel op aarde na het zware werk.
Hij heeft daar nog tot over 70e gewerkt (ik dacht tot zijn 72e, dat kon toen nog) met veel plezier. Hij is in 1988 op 90 jarige leeftijd overleden.
Reactie 2:

Henny van Raaij-Stoffels, 05-08-2015: wat leuk dat ik de naam van mijn opa, G. van Kraay, hier tegenkom. Ik weet dat hij vroeger bij Van Lith heeft gewerkt als chauffeur. Ik was te klein om me dat te kunnen herinneren. Van mijn moeder, zijn dochter, hoorde ik wel eens verhalen over mijn opa, vooral uit de oorlogstijd en zijn werk bij Van Lith.
Na Van Lith heeft mijn opa een tijdje bij Hyster gewerkt, maar niet lang. Zijn zoon Albert heeft hem een baan bezorgd bij de firma Boerboom, gevestigd in Nijmegen. Daar heeft mijn opa gewerkt tot aan zijn pensioen. Mijn opa is overleden in april 1984 op 78-jarige leeftijd.

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: