Nieuwe pagina 1

Wim Hooghoff bij Dobbelman

Mijn vader Wim Hooghoff (1911-1983) voelde zich zijn hele leven sterk betrokken bij Castella of de Dobbelman zoals hij de Koninklijke Dobbelman Zeepfabriek Nijmegen in de Graafsedwarsstraat noemde. 

Als jongen van veertien jaar ging hij er werken als dozenmaker op de kartonnageafdeling. Wanneer er een mooie demonstratiedoos nodig was voor de introductie van een nieuwe zeepsoort, mocht hij die vaak maken. 

Tot 1938 werd hij verschillende keren ontslagen wegens 'slapte in onze cartonnage', maar hij kwam er ook steeds weer terug. 

Vanaf 1938 tot 1966 is hij vast werknemer van Dobbelman gebleven. Hij werkte bij chef Geertsen, wiens zoon eigenaar was van een boekbinderij in Bottendaal, in de Van Oldenbarneveldstraat. In die boekbinderij werkte Wim Hooghoff wekelijks ook wat uren en leerde hij boekbinden. 

 

In de portierswoning in de Graafsedwarsstraat 10 naast de fabriek

 Ons gezin leefde met de zeepfabriek, we woonden er zelfs naast van 1945 tot 1958. Mede door de hulp die mijn vader had geboden in de Tweede Wereldoorlog konden mijn ouders de portierswoning Graafsedwarsstraat 10 betrekken naast de fabriekspoort, de toenmalige hoofdingang. 
In Nijmegen in het Bouwarchief van de Gemeente zijn vrijwel alle tekeningen van bouw en verbouw van de onderneming Dobbelman bewaard gebleven, althans uit de tijd van de Dobbelmanns. Ontwerpen
van verschillende gebouwen op het fabrieksterrein Dobbelman zijn van de architect C. Verbeeten, Van Hemert en Wesel. Daarna hebben de architecten W. van Boldrik, Goddijn en Hamerpagt verbouwingen of verbeteringen op tekening gezet. Veel van de bouwactiviteiten zijn vanaf 1928 uitgevoerd door het bouwbedrijf Albert de Witt uit Beek bij Nijmegen. Albert de Witt is ge´ntroduceerd door Van Boldrik. Dobbelmann zou de beste klant van dit bedrijf worden, dat ook veel bouw- en verbouwwerk deed in andere fabrieken in Nijmegen en omgeving. 

De portierswoning 

Stadsarchitect Jan Jacob Weve heeft enkele ontwerpen en verbouwingen uitgevoerd, van hem zijn het Koetshuis en de portierswoning, Graafsedwarsstraat 10 in 1905. Volgens Hans Verheul van het Bureau Architectuur en Monumenten van de Gemeente Nijmegen is het pand Graafsedwarsstraat 10 is in het kader van het landelijke Monumenten Inventarisatie Project (MIP) beschouwd. Dit project omvatte een objectieve inventarisatie van alle tussen 1850 en 1940 in Nederland gebouwde objecten beoogde. Het bijna honderdjarige pand dat opgetrokken is uit roodgeglazuurde stenen en zogenoemde spekstrepen, is vervolgens niet geselecteerd voor rijksbescherming. Het pand is ook niet op de Nijmeegse monumentenlijst van de Gemeente geplaatst. Dat zou nog kunnen gebeuren omdat er nog nader onderzoek verricht moet worden naar bouwwerken uit de periode 1850-1940 die voor gemeentelijke bescherming in aanmerking kunnen komen. 
Sinds 2001 is in de voormalige portierswoning van de Dobbelmanfabriek herbestemd tot een gebouw voor buitenschoolse kinderopvang. Het project BSO De Vuurtoren is een particulier project, niet gekoppeld aan reeds bestaande stichtingen en biedt gesubsidieerde, bedrijfsgebonden en particuliere plaatsen. De Vuurtoren is een kleinschalige opvang in een huiselijke sfeer voor kinderen van 4 tot 13 jaar. Maximaal twintig kinderen kunnen worden opgevangen door minimaal twee gekwalificeerde groepsleiders. De Vuurtoren voldoet aan alle andere eisen die de gemeente aan kinderopvang stelt. 
Het accent bij BSO De Vuurtoren ligt op de vrijetijdsbesteding. Als de kinderen uit school komen kunnen ze iets eten en drinken en vervolgens kiezen ze zelf hoe ze de middag invullen en met wie. In de Vuurtoren is een ruime variatie (spel) materiaal aanwezig en kunnen de kinderen gebruik maken van aangeboden creatieve activiteiten. 

Tijdens de oorlog werd er in de fabriek beperkt doorgewerkt. Daardoor werden veel werknemers gespaard voor de beruchte Arbeitseinsatz, dat werken in Duitsland betekende. Zo ook mijn vader. In plaats van op de fabriek te werken was hij soms aan het houtkappen in de tuin van meneer Reinier Dobbelmann. Wim Hooghoff zat bij de Luchtbescherming en bij de Dobbelman-EHBOploeg. 
Bij het vergissingbombardement op 22 februari 1944 werd deze ploeg meteen ingezet om de slachtoffers te helpen en de 300 doden te vervoeren naar het fabrieksterrein. Onder de fabriek was een schuilkelder ingericht waar veel bewoners uit de Graafsedwarsstraat werden opgevangen. Van mijn vader werd gezegd dat hij het moreel oppepte en maaltijden bereidde. In de schuilkelder werd mijn broer op 20 april 1945 geboren toen Nijmegen al was bevrijd. Zijn geboorte staat aangekondigd in het eerste nummer van Het Dobbelman-nieuws van mei 1945. 
Ook mijn zus en ik zijn in de Graafdsedwarstraat 10 geboren. Het huis was ruim voor die naoorlogse tijd. Het stond - wat ge´soleerd - ingeklemd tussen de fabriekspoort en een Protestantse kerk (nu Nieuw-Apostolische gemeente). Mijn vader kende bijna iedereen in de fabriek en viel wel eens in als portier. Dat gaf mij als jong kind een machtig gevoel, alsof hij daar een belangrijk man was en alsof de fabriek van hem was. Op zondag namen we soms een kijkje in de fabriek. We mochten daar ook regelmatig douchen. Op het terrein klommen op de vaten en gleden we uit in de zeepgrondstoffen. Geweldig waren de Sinterklaasfeesten bij Dobbelman: een grote zaal vol met kinderen, cadeautjes en Pieten. De mannen van de cartonnage maakte die cadeautjes zelf, kartonnen garages en poppenkleerkastjes. Bij die feesten waren ook de kinderen van "Meneer Reinier' met wie we later op dezelfde lagere school op de Wedren zaten. 

Verhuizen

In 1958 verhuisden we naar een mooie straat in Nijmegen-Oost. Mijn ouders waren erg gelukkig met het huis en de grote tuin waar mijn vader zijn postduivenhok kon bouwen. Voortaan ging hij met zijn solex naar de fabriek. Hij werkte in ploegendiensten; soms waren er weken dat we hem weinig zagen. Voor ons kinderen raakte de fabriek wat op de achtergrond. Mijn moeder heeft in het huishouden kunnen profiteren van het feit dat mijn vader bij een zeepfabriek werkte. De grote was ging naar de proefwasserij en haar restte slechts het handwasje. Elke maand bracht mijn vader een grote doos met zeepartikelen mee. Ik ben opgegroeid met uitsluitend Castella-artikelen: zeep, tandpasta, vaatwaspoeder en shampoo. Tot in de jaren zestig gebruikten wij shampoo in poedervorm, waarvan je eerst met water een papje moest maken. 

Kartonnage

Eind jaren veertig werd bij Dobbelman de Cartonnageafdeling opgeheven. Mijn vader vond het erg jammer met het ambachtelijke kartonnagewerk te moeten stoppen en aan de lopende band terecht te komen. Hij was eigenlijk erg creatief met karton en papier. Thuis in zijn werkplaats in de kelder deed hij nog steeds aan boekbinden en kartonnagewerk; hij maakte bijvoorbeeld dossiermappen en tekendozen. 
In 1963 werd zijn 25-jarig jubileum als vaste werknemer voor de familie en vrienden en voor de collega's groots gevierd. De cadeaus waren de welvaartssymbolen van de jaren zestig: een koelkast en een Philips transistorradio. 

Einde werkperiode 

In 1966 kreeg mijn vader op vijvenvijftigjarige leeftijd een hersenbloeding. Volgens zijn collega's had hij in de week daarvoor nog met veel bravoure een handstand gemaakt. Hij moest stoppen met het werken in de fabriek, maar het contact bleef. Ook werd in de proefwasserij nog steeds de was gedaan. 
Wim Hooghoff was een van de eersten die een WAO-uitkering ontving, die door Dobbelman werd aangevuld. Gelukkig herstelde hij na een paar jaar redelijk van de beroerte, mede dankzij de oefeningen van de fysiotherapeut die hij met ijzeren discipline deed. Hij bleef trouw deelnemen aan de Dobbelman-activiteiten, want daar kwam hij bovendien veel oude kameraden tegen. Ook met Piet Dobbelmann had hij contact. Hij hielp hem met kleine klussen zoals het ophangen van schilderijen en het opruimen van de zolder. Hij was er geweldig trots op dat hun beider dochters in hetzelfde museum in Amsterdam werkten. Zo bleven er altijd banden met de fabriek. Zo bleven er altijd banden via de fabriek. Wim Hooghoff had goede herinneringen aan de onderneming Dobbelman en alles eromheen. 
Tot aan zijn dood in 1983 bleef hij loyaal tegenover zijn werkgever. Iets anders kon hij zich gewoon niet voorstellen. 

Pag.1: Inleiding - Pag.2: Bedrijfshistorie Dobbelman - Slotpagina

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: