|
©
copyright Koen Hermsen, Digitale
bewerking; Henk Kersten/Stichting Noviomagus.nl
Familie-album
De familie Christiaans komt oorspronkelijk uit Ewijk, waar de vroegste voorouder, Jacob Christiaens op de 18e oktober van het jaar 1700 wordt geboren.
Aan het eind van de 19e eeuw verhuisde Antoon Christiaans (een verre nakomeling van Jacob Christiaens) met zijn vrouw Anna Hendrika Jansen naar Nijmegen.
Hoewel het een sterk huwelijk was, had vooral Anna Hendrika veel problemen. Tussen 1899 en 1919 stierven zes van haar kinderen.
De kinderen die overbleven waren Antonius Gerardus (de oudste), Rika, Anna, Jo, Henk, Bertha en Drienie.
Toen Drienie werd geboren in 1922 als jongste kind, woonde het gezin aan de Pater van Meursstraat.
Het echtpaar zou in juni 1923 in een echtscheiding belanden, en vier jaar later stierf Antoon
Christiaans. Anna Hendrika hertrouwde met Johannes Zwartkruis, maar dit was een kinderloos huwelijk, in haar laatste jaren woonde ze met haar man aan de Waterstraat, vlakbij schoenmaker
Bredero. Anna Hendrika Jansen overleed in 1934.
Omdat nu beide ouders waren overleden kreeg Antonius Gerardus als oudste zoon een vaderlijke rol over zijn jongere zusjes Bertha en
Drienie. Aangezien hun ouders waren overleden en Antonius Gerardus bij de Koninklijke Marine zat en geen tijd had om zijn jongere zusjes te onderhouden had hij de zware taak Bertha en Drienie naar het Weeshuis aan de Doddendaal te brengen waar ze enkele jaren bleven.
De andere broers en zussen waren al oud genoeg om voor zichzelf te zorgen en hoefden niet naar het weeshuis.
Al in 1921 ging Antonius Gerardus bij de Koninklijke Marine en ging daarmee vele malen met schepen naar Nederlands Indië en kreeg tweemaal de taak (wat haast uniek was) om als een
landingsdetachement naar Shanghai te gaan met de Hr. Ms. Van Galen, in 1932 en 1937.
Op 30 januari 1933 was hij betrokken bij een dienstweigering (door de kelderende salarissen) op de Hr. Ms. Java, net als bij de Hr. Ms. Evertsen, Hr. Ms. Piet Hein en bij de onderzeedienst te
Soerabaja. De beroemde muiterij op de Zeven Provinciën was een reactie op deze dienstweigering.
De personen die hieraan meededen werden vaak ontslagen, maar Antonius Gerardus werd slechts voor twee jaar gedegradeerd naar
Matroos-Konstabel. Bovendien, de commandant van de Hr. Ms. Java, Kapitein Ter Zee J.T.A.J. Bruinsma werd ontslagen omdat de Marineleiding vond dat hij niet streng genoeg optrad.
Antonius Gerardus was ondertussen in de Waalstraat in het Waterkwartier gaan wonen, en in september 1928 trouwde hij met Maatje Duvekot uit Vlissingen.
Nadat ze in Den Helder, Souburg en Rotterdam hadden gewoond streken ze uiteindelijk neer in het Waterkwartier.
Al in 1927, een jaar voor hun huwelijk, werd in Den Helder hun oudste dochter Anna geboren, die nu ook in het Waterkwartier woont.
Hun andere kinderen waren Nel (Neeltje), Tonny (Anthonia) en Anton (Anthonius Adriaan).
De oudere zusjes van Antonius Gerardus woonde niet ver van hem vandaan, Rika woonde in de Lekstraat en Anna woonde in de Biezendwarsstraat, beide in het Waterkwartier.
Rika trad met Jo Kersten in het huwelijk en Anna trouwde met Frans Christ. Frans Christ zat in 1922-1923 in het elftal van S.C.H., wat toen nog de N.H.C. heette, de Nijmegen Heesch Combinatie.
Jo Christiaans trouwde met Truus Onstein, die in 1944 of 1945 stierf.
Toen Duitsland ons land binnenviel was Antonius Gerardus op de Hr. Ms. Vliegkamp Veere
gestationeerd en nam daar deel aan afweergevechten tegen de Duitse Luftwaffe. Als gevolg van de Duitse bezetting werd hij in juli 1940 ontslagen bij de Koninklijke Marine en was hij van 1941 tot maart 1943 parkwachter in het
Kronenburgerpark. Zijn dochter Tonny herinnerde zich nog dat haar vader eens een bevroren zwaan naar huis nam op die daar met zijn gezin op te eten.
Ook kwamen de ouders van Maatje Duvekot, Neeltje van Eenennaam en Adriaan Duvekot naar Nijmegen, omdat ook Zeeland hard getroffen was door de Duitsers.
Haar ouders trokken veel aandacht door hun Zeeuwse klederdracht die ze in Nijmegen droegen.
In mei 1943 werd het gezin hard getroffen toen Maatje Duvekot en Antonius Gerardus, samen met hun oudste dochter Anna, naar Kamp Amersfoort moesten.
Daar kregen ze te horen dat Antonius Gerardus als krijgsgevangene behandeld zou worden, en werd daarna spoedig op een trein gezet, zijn vrouw en dochter kon nog maar nauwelijks afscheid nemen.
Antonius Gerardus werd getransporteerd naar Stalag VA te Ludwigsburg, ver in Duitsland.
Dit kamp was naast een krijgsgevangenenkamp ook een doorvoerkamp voor Joden. Maatje Duvekot en Anna konden weer terug naar Nijmegen, maar zonder echtgenoot en vader.
Er was altijd wel contact tussen Maatje en Antonius Gerardus, aangezien een neefje van hem in Duitsland werkte en zo stiekem brieven kon doorsmokkelen naar Nederland.
Anna, de oudste dochter van Antonius Gerardus werkte inmiddels bij de Bata aan de Grote Markt.
In oktober 1944 stierf Maatje Duvekot op 36 jarige leeftijd aan de gevolgen van kanker.
Maatje Duvekot werd eerst begraven bij de H. Theresiakerk, maar later herbegraven op de Daalseweg, naast het graf van Truus Onstein, de eerste vrouw van Jo Christiaans.
Toen eindelijk Europa bevrijd werd van de Duitsers keerde ook Adriaan Duvekot en Neeltje van Eenennaam terug naar Zeeland, zodra Antonius Gerardus teruggekeerd was.
In mei 1945 werd het kamp, Stalag VA, bevrijd door enkele soldaten van het Vrije Franse Leger en zo werd ook Antonius Gerardus bevrijd.
Toen hij terug in Nijmegen was en met enkele ander soldaten in de Waalstraat stopte, vroeg hij toen hij in zijn huis was als eerste waar zijn vrouw was.
Er brak een moeilijke stilte uit, en zijn kinderen wezen slechts naar een schilderij aan de muur, hij wist meteen dat ze heen gegaan was.
Dit heeft Antonius Gerardus nooit kunnen vergeten en het verlies van zijn vrouw lag hem erg zwaar.
Enkele maanden later trad hij vreemd genoeg opnieuw in het huwelijk, samen kregen ze twee kinderen.
In november 1945 heeft Antonius Gerardus gediend op de H.M.S. Royal Arthur te Skegness, in het Verenigd Koninkrijk.
Nog in datzelfde jaar trad zijn oudste dochter Anna in het huwelijk met Piet Walner, die ook uit het Waterkwartier kwam.
Antonius Gerardus ging na enkele maanden te zijn verbleven in Engeland terug naar Nederland, en ging in 1962 met pensioen bij de Koninklijke Marine, waar hij ruim 41 jaar bij gediend had.
Toentertijd was hij al verhuisd naar Hilversum, waar hij naderhand rijwielbewaarder werd.
Zijn zoon, Antoon (Anthonius Adriaan) ging ook bij de Koninklijke Marine, en heeft daar ook enkele jaren gediend.
In de laatste jaren keerde Antonius Gerardus terug naar Nijmegen, en stierf daar op 69 jarige leeftijd in het bijzijn van zijn oudste dochter Anna.
In 1992 trad Joke Walner, de jongste dochter van Anna Walner-Christiaans, in het huwelijk met Leo Hermsen, zoon van Lin (Leonardus Mattheus) Hermsen en Riek
Ruijters. Lin heeft voor lange tijd in de Kapok fabriek gewerkt en bij de Nyma in Nijmegen.
In de meidagen van 1940 heeft hij met het Nederlandse Leger gestreden op de Grebbeberg tegen de Duitsers.
In zijn latere leven werkte hij voor de gemeente van Nijmegen, zijn laatste jaren deelde hij met zijn vrouw in het woonzorgcentrum Sonnehaert in het waterkwartier.
|