Amputaat

© Wim Benda; Digitale bewerking 30-06-2012 Mark van Loon/Stichting Noviomagus.nl


Het waren altijd genoeglijke momenten als mijn vader (*1899 te Nijmegen) op zijn praatstoel zat en begon te vertellen over vroeger en over de kwajongensstreken die hij in zijn jonge jaren zoal had uitgehaald. De volgende anekdote is gebaseerd op een van die verhalen.

Het 'Amputaat'

door Wim Benda

Thijs liep met zijn vriendje Toon door de stad te slenteren. Op de Zeigelbaan, bij slager P. Bosch, zagen ze een mand met slachtafval op de stoep staan. Zij gingen er meteen op af. Bovenop lag een bot dat nog rood was van het bloed. Bij het zien van die knekel kreeg Thijs een idee.
    ‘Toon, ‘ smiespelde hij, ‘die pikken we mee.’
Zodra de kust veilig was griste Thijs het bot uit de mand en stak het heimelijk onder zijn jas.
    ‘Wat moet je met dat stinkding?’ vroeg Toon met een vies gezicht.
     ‘Dat zul je nog wel zien.’
Op een holletje liep Thijs er mee naar huis in de Snijdersstraat en Toon sjokte achter hem aan. Thuis aangekomen liep hij regelrecht naar de rommelzolder terwijl Toon buiten bleef wachten. Na een poosje kwam Thijs weer naar buiten maar nu met een bolling in zijn jas die niet alleen van het bot kon zijn. Ze liepen naar een stil hoekje van de straat.  Daar gingen ze tegen een muur zitten waarna Thijs zijn jas losknoopte. Het bot viel op de grond gevolgd door een oude hoge herenschoen en een zwarte sok met gaten.
    ‘Wat ga daar eigenlijk mee doen?’ wilde Toon weer weten.
En terwijl Thijs de sok over het bot begon te trekken, zie hij:
    ‘We gaan er de mensen mee laten schrikken.’
De bloederige knop van het bot liet hij een stukje buiten de sok uitsteken. Daarna stopte hij het geheel in de schoen en legde een strik in de veter.
    ‘Zo lijkt het net een afgezette voet,’ zei Toon met enige afschuw in zijn stem.
    ‘Dat is nou net de bedoeling. En nou op naar de Hezelstraat!’ zei Thijs en verborg het ‘werkstuk’ onder zijn jas.

Vanaf de Stikke Hezelstraat kwam de tram naar beneden gereden. Daarbij luid bellend om de voetgangers en fietsers in de drukke winkelstraat te manen de trambaan vrij te maken.


Zodra de tram de standplaats van de twee jongens was gepasseerd, liep Thijs snel achter de tram langs en legde de schoen met het uitstekende, bloederige bot op de rails. Zo snel als ze konden liepen ze naar de overkant van de straat om de reacties af te wachten. Het duurde niet lang of er bleven mensen verschrikt staan staren naar de ‘voet’. Ze begonnen verward door elkaar heen te roepen en te schreeuwen dat er iemand onder tram was gekomen en daarbij zijn voet had verloren. Een in het zwart gekleed oud dametje, dat ook op het tumult was afgekomen, slaakte bij het zien van de bebloede voet een gil. Ze sloeg haar armen in de lucht en viel vervolgens in katzwijm. Haar zwarte fluwelen hoed met kralen en veren rolde over de straat.

Zo’n heftige reactie had het tweetal niet verwacht. Wat als een geintje was bedoeld dreigde nu uit de hand te lopen. Toen de jongens zich dat realiseerden maakten ze zich los uit de menigte en namen snel de benen. Dat bleef niet onopgemerkt en enkele omstanders wezen de knapen nog na en schreeuwden dat ze bij hun kladden gegrepen moesten worden. Maar tevergeefs, ze waren al uit het zicht verdwenen. Het drong tot de menigte door dat ze het slachtoffer waren geworden van een lugubere kwajongensstreek.

Wim Benda

REAGEER

Reactie 1:

Cees de Vos, 17-07-2012: Verhaal ‘Het Amputaat’ van zoon Wim Benda. Lezend het begin van deze ‘gebeurtenis‘ heb je geen flauw idee wat deze twee ondeugden T&T met dat stinkende been gesnaaid bij slager P. Bosch in de Zeigelbaan van plan zijn te doen. Weldra voel je nattigheid en bij de climax zie je het tafereel in de Stikke Hezelstraat zo voor je. Een weliswaar wrange maar steengoeie stunt van vadertje Benda.
“Benda” is een naam in de klassieke muziek wereld. De bekende Boheemse zeer muzikale familie Benda leefde in de achttiende eeuw. De eeuw van Wolfgang Amadeus Mozart. (1756-1791)

De Stikke Hezelstraat. Wat een mooi zonnig plaatje uit 1920.
Als je goed kijkt is hier zo veel te zien! Het eerste wat opvalt is dat er geen auto te bekennen is, de mens is lopend of fietsend onderweg naar zijn doel. De tram moet hier stilstaan; want de jongen gekleed in de tijd van Ot & Sien staat met zijn rechter voet op de tramrails. Hoort de jongen bij de groep jongens achter hem?, we zullen er nimmer achter komen. Het stel midden op de weg staat er wat vreemd bij; kennen ze elkaar of hebben ze mot met elkaar? De vrouw met de kinderwagen rechts wacht maar liever totdat de tram voorbij is, wel zo veilig voor moeder en kind. Iedereen draagt een pet, bolhoed of ander soort hoofddeksel. De uniek gevormde luifels aan de winkelpanden; zo zie je ze vandaag niet meer. Opvallend zijn de ramen met de getraliede houten luiken, enkelen zijn geopend om de zon binnen te laten. In de verte zie ik een man met handkarretje naderbij komen…
Kortom, een verstild plaatje van net na de “Grote oorlog 1914-1918”.


terug naar gastredacties   

Reactiepagina

REAGEER:

Uw aanvullingen of opmerkingen zijn welkom!
Met dit formulier kunt u (nog) geen foto's versturen. Gebruik daarvoor uw e-mailprogramma.
Opmaak kan wel, bv <b>Vet</b> of <i>cursief</i> geeft Vet of cursief.
 
 Uw naam: en mailadres: