|
Paul van der Heijden |
|
|
De legende van Hees |
|
|
Lang voordat Hees een wijk van Nijmegen werd, stond in het gehucht een enorme boom. Mensen uit de buurt fluisterden dat woeste Germanenstammen er vroeger mensenoffers brachten. De legende ging een eigen leven leiden en de Dikke Boom van Hees werd beroemd, zelfs in het buitenland. Tot hij in 1903 sneuvelde. Als het aan de Stichting Dikke Boom Hees ligt, zal precies honderd jaar later een nieuwe Dikke Boom op dezelfde plek terugkomen. |
|
|
De beroemde Dikke Boom stond aan het kruispunt van de huidige Tweede Oude Heselaan, Dikkeboomweg, Schependomlaan en Voorstadslaan. Nog geen eeuw geleden heetten deze straten respectievelijk Heeschelaan, Wolfkuilscheweg, Dorpstraat en Voor-stadslaan. En als we nog verder terugkijken, blijkt dat de viersprong al sinds mensenheugenis bestaat. Kruispunten waren vroeger erg belangrijk, maar hier is nog iets extra spannends aan de hand. De vier wegen van de kruising hadden steeds vier verschillende namen, alsof ze op deze plek hun eindpunt vonden. Maar waarom? |
|
| Offers | |
|
Volgens de legende was hier, heel lang geleden, een offerplaats. Germaanse stammen brachten bij de heilige boom offers voor hun bosgod Haesus of Hesus. Boze tongen beweren zelfs dat er mensen werden geofferd. Een mooi verhaal, waar ook enkele aanwijzingen voor zijn. Op de plek van Hees stond vroeger een dicht woud. Pas in de Middeleeuwen is dat gerooid en de grond ontgonnen. In de naam "Neerbosch" vinden we nog een verwijzing naar dat oerbos. Hees werd in die tijd ook wel "Overbosch" genoemd. Binnen zo'n woud is genoeg plek voor een bosgod. Of die god hier ook werd aanbeden is niet bekend. Zeker is wel dat Germanen een bijzondere verering hadden voor bomen. Deze "heidense" obsessie is trouwens tot op de dag van vandaag merkbaar. Zelfs in onze "christelijke" cultuur zijn tal van Germaanse gebruiken overgeleverd, zoals het opzetten van een levensboom en het optuigen van de kerstboom. Het bekendste regionale voorbeeld is de Koortsboom van Overasselt, waar nog steeds lapjes textiel ingehangen worden om zieken te genezen. |
|
| Linde | |
|
Van de Germanen weten we dat vooral de linde werd aanbeden als heilige boom. Onder de linde was plek voor rechtspraak, trouwerijen en feesten. Ook de Dikke Boom van Hees was een linde. Wat we ook zeker weten, is dat de bosgod Haesus in de tijd van de Romeinen door inheemse volkeren werd aanbeden. Er zijn zelfs altaarstenen gevonden met zijn naam als inscriptie. En uit de naam "Haesus" zou "Hees" zijn ontstaan. Het lijkt allemaal geen toeval meer. |
|
| Romantiek | |
|
Vele eeuwen later heeft het Germaanse woud plaatsgemaakt voor een veel lieflijkere omgeving. In een beschrijving van Hees uit 1836 lezen we: 'Deze beide dorpen [Hees en Neerbosch] kunnen tot de bekoorlijkste uit den geheelen omtrek gerekend worden. Bevallige en nette boerenwoningen vertoonen zich hier, onder hoog en lommerrijk geboomte, en tusschen wijduitgestrekte vruchtbare korenvelden, op een alleszins schilderachtige wijze; terwijl fraaije buitenplaatsen met derzelver tuinen (...) den geheelen weg, als het ware bezoomen.' |
|
| Het einde | |
|
Op zaterdagavond 21 november 1903 brak in Nijmegen een fel onweer los, dat gepaard ging met storm, hagel en regen. "In Hees kliefde de bliksem den eeuwenouden 'dikken boom', die zoo tal van jaren een heerlijke beschutting bood", aldus De Gelderlander. Een jongetje dat passeerde raakte in het gezicht gewond door één van de takken. Nog dezelfde avond is de boom in stukken gezaagd en afgevoerd. |
|
| Een nieuw begin? | |
|
De herinnering aan de Dikke Boom is nog steeds levend. En wellicht levendiger dan ooit. Vorig jaar is een stichting opgericht die een linde wil plaatsen op de oorspronkelijke plek. Dat moet gebeuren vóór november 2003, precies honderd jaar na de fatale bliksemschicht. Behalve de linde wil de stichting ook een bank herplaatsen, zodat de functie van ontmoetingsplaats in oude luister wordt hersteld. |
|
| Inlichtingen | |
|
Voor inlichtingen en tips kunt u terecht bij:
|
|
| Verzen | |
|
De Dikke Boom is meerdere
malen bezongen. Hier twee verzen van een uitgebreid, lyrisch epistel van Chr.
Van der K.-K uit 1904: |
|
|
Eerder
verschenen in magazine |
|