De Krayenhoffkazerne:



Aan de Groesbeekseweg en Gelderselaan staan naast elkaar twee vrijwel identieke gebouwen, die aan het begin van de vorige eeuw werden gebouwd in de Hollandse neorenaissancestijl. Het zijn kazernecomplexen, beide ontworpen door G.W.J. Koolemans Beijnen, naar wie overigens een straat naast het terrein is vernoemd. In 1905 kwam de 'Eerste Infanteriekazerne' - nu Krayenhoffkazerne - gereed, een jaar later volgde de voltooiing van de 'Tweede Infanteriekazerne', die nu Snijderskazerne heet.
De Eerste Infanteriekazerne werd in 1934 vernoemd naar baron C.R.T. Krayenhoff, die leefde van 1758 tot 1840. Deze Nijmegenaar schopte het van arts tot vestingbouwkundige - ook rondom Nijmegen liet hij enkele forten bouwen - en werd uiteindelijk zelfs minister van oorlog. In deze functie gaf hij opdracht om heel Nederland gedetailleerd in kaart te brengen, iets wat nog niet eerder was gebeurd. In het eveneens naar hem vernoemde Krayenhoffpark ligt, omringd door een hekwerk, zijn grafzerk.
De langgerekte Krayenhoffkazerne telt enkele mooie details, die ook terugkomen in de Snijderskazerne. Aan weerszijden van de ingang zijn de wapens van de provincie Gelderland en van Nijmegen aangebracht. De sluitsteen van de boog boven de ingang toont de gehelmde kop van Mars, de Romeinse god van de oorlog. Verder wordt de trapgevel boven de ingangspartij bekroond met een in natuursteen gehouwen leeuw. In 1941 werd deze leeuw door de Duitse bezetter van zijn plek gehaald.
Het oorspronkelijke hekwerk rondom het complex is grotendeels behouden gebleven. Ook een viertal wachthokjes staat er nog.

krayenhoff001.jpg krayenhoff002.jpg krayenhoff003.jpg krayenhoff004.jpg krayenhoff005.jpg
krayenhoff006.jpg krayenhoff007.jpg

terug

Reactie 1:

B. D. Poppen, 13-08-10: Door een gelukkig toeval kwam ik op uw prachtige website terecht, waarop ik o.a. enige verrassende informatie vond over de Krayenhoffkazerne.

In deze kazerne heb ik van 27 november 1962 tot februari 1963 mijn opleiding gevolgd bij de KLU. 27 november 1962 was de dag waarop de actie “Open het dorp” werd gehouden en het eerste wat van mij, als rekruut, werd verlangd bij het betreden van de kazerne, was een gift t.b.v. deze actie. Een dag later overleed prinses Wilhelmina en ik herinner mij nog goed hoe wij daarover, opgesteld op de exercitieplaats, in kennis werden gesteld.

Het begin van 1963 kenmerkte zich door streng winterweer. Op 18 januari 1963, de dag van de Elfstedentocht, had ik kamerwacht en moest zodoende binnenblijven, hetgeen mij echter in staat stelde naar de radio te luisteren en het verloop van deze barre tocht te volgen, die gewonnen werd door Reinier Paping.

Ook Nijmegen had behoorlijk veel last van de strenge winter en met name van de vele sneeuwval. Om de stad te behoeden voor een dreigend isolement, werden wij soldaten ingezet als sneeuwruimers. Een week lang hebben we dan ook met zeer velen tonnen sneeuw geruimd. Als dank werd ons door het stadsbestuur een amusementsavond in de schouwburg aangeboden. Ook wij militairen hadden last van de strenge winter. Zo heb ik maar één keer een schietoefening meegemaakt en geen enkele keer een veldoefening. De tent die tot mijn uitrusting behoorde, heb ik dan ook nimmer gebruikt. Lastiger echter was het bevroren zijn van vele waterleidingen. Zo heb ik een aantal weken lang mijn mess tins (dubbele etenblikjes) met sneeuw moeten schoonmaken.

Vrijdags kregen we steevast twee eieren bij het eten en aan het begin van de avond marcheerden wij in lange colonnes naar het station, om met speciale militaire treinen (onverwarmd) met verlof te kunnen gaan. Zondagsavonds keerde ieder echter op eigen gelegenheid weer terug.

Een onderdeel van de opleiding was het wachtlopen en ik heb dan ook meerdere keren staan te kleumen tijdens nachtelijke koude uren. Dit gebeurde echter op locaties op het kazerneterrein. Aan de poort staan was er niet bij, dat gebeurde door ervaren rotten van de LBK. Een enkele keer hadden we zwemmen in het sportfondsenbad, waarvan het water nauwelijks verwarmd was en ik dan ook elke keer van de kou kramp in mijn benen kreeg. ’s Avonds mochten we de kazerne uit en dan ging het steevast naar het PMT-gebouw, waar nog iets van de sfeer en de warmte, van thuis was terug te vinden. 

Begin februari zat mijn opleiding bij de LIMOS erop en vertrok ik naar De Lier, waar een opleiding voor radarbediening volgde. Hier kon ik de tien kilo terug winnen, die ik in het “Spartaanse” Nijmegen was kwijtgeraakt. Ondanks de kou en “ontberingen”, heb ik het in Nijmegen wel naar mijn zin gehad en er dan ook een blijvend positief gevoel aan overgehouden.

Ik heb dan ook met een glimlach de foto’s op uw website van de Krayenhoffkazerne bekeken.